Maarten Luther – 10 november 1483 Eisleben – 18 februari 1546 Eisleben

January 7th, 2017 Comments off

Die twee horen samen: geloof en God. Waaraan je hart hangt en waarop je vertrouwt, dat is eigenlijk je god

Luther. Zoon van mijnbouwer. Scholier in Mansfeld, Magdeburg en Eisenach. Filosofiestudent in Erfurt. Magister. Studie rechten. Neurotische trekken. Depressies. Augustijner monnik. Biechtvader Spalatinus. Wittenberg. Eigen bijbel. Professor moraaltheologie. Ries naar Rome. Doctor in de theologie. Colleges over de brief aan de Romeinen en de Psalmen. Darmklachten en obstipatie. Verzet tegen de aflaat. Stellingen tegen de Aristotelische scholastiek. Vijfennegentig stellingen op een kerkdeur. Een steen gaat rollen. Keurvorst Frederik de Wijze. Disputaties. Babylonische gevangenschap van de kerk. De vrijheid van een christenmens. Priesters moeten mogen trouwen. Pauselijk vonnis publiekelijk in het vuur. Keizer Karel V. Rijksdag in Worms. ´Hier sta ik, ik kan niet anders.´ Verdwijning. Ridder met baard en zonder tonsuur op kasteel de Wartburg. ´Mijn Patmos.` Bijbelvertaling. Vormgever van de Duitse taal. Radicalen en opstandelingen. Terug in Wittenberg. Hervorming van de mis. Volgelingen in Antwerpen op brandstapel. Liederen. Boerenoorlog. Overheid draagt zwaard niet tevergeefs. Katharina von Bora. Huwelijk. ‘Mijn Heer Käthe’. Kinderen, studenten en gasten. Bierbrouwerij en boerderij. Tafelgesprekken. Rozenliefhebber. Waanzinnige vorsten. Twee-rijkenleer. Landskerken. Liever verbanning dan doodstraf voor sectariërs. Kleine en grote Catechismus. De verborgen en de openbare God. Colleges over Psalmen, profeten en Paulus. Duizenden preken. Pennestrijd met Erasmus over de vrije en de geknechte wil en de overmacht van de genade. Mens tussen God en duivel. Profeet van God in apocalyptische tijd. Aanvechtingen. ‘Ik ben gedoopt!’. Conferenties en conflicten met andere reformatoren. Aanwezigheid van Christus in brood en wijn. Zwingli geen broeder. Schuldbelijdenis en genadeverkondiging. Biecht niet afgeschaft maar hervormd. Vrienden, volgelingen, vijanden. Rijksdag van Augsburg. Augsburgse confessie. Schmalkaldische artikelen. Verdriet om overlijden dochter Leentje. Turken voor Wenen. Gesel van God. Geen kruistocht. Een vaste burcht is onze God. Jezus Christus een geboren Jood. Joden bekeren zich niet: neurotische woede. Antisemitisme. Grofheden. Zwaarmoedigheid. Humor. Colleges over Genesis. Moe. Bemiddelaar bij conflicten in Eisleben. ‘Wij zijn bedelaars. Hoc est verum. Dat is waar’. Dood.
Doen protestanten niet aan heiligenverering? Meer dan levensgrote standbeelden voor reformatoren van Berlijn tot Genève. Mooie zinnen in zijn catechismus voor kinderen en andere beginnelingen. Beginnend bij de Tien Geboden, het Evangelie in de Wet. Zoveel geloof als je aan de God van het Evangelie geeft, zoveel God ‘heb’ je dan. Ergens anders: ‘zoveel geloof, zoveel lach.’
(2016)

Johannes Duns Scotus – 1266, Duns (Schotland) – 8 november 1308, Keulen

January 7th, 2017 Comments off

Gods schepping van de dingen kwam niet voort uit een of andere noodzakelijkheid, maar uit een pure vrijheid, en niet aangezet of beperkt door iets externs

Driekwart eeuw na de dood van Franciscus van Assisi bracht zijn beweging een absolute ster in de geschiedenis van de christelijke theologie voort. Hij werd maar 42 jaar oud, maar dat was genoeg om bij de top drie van middeleeuwse geleerden terecht te komen. Dat is wel verrassend. Franciscus was zelf absoluut niet hoog geschoold en theologisch onderlegd en verzette zich aanvankelijk tegen theologisch onderwijs van zijn broeders. Maar eenmaal overstag voor een goede opleiding van predikers zorgden juist de omvangrijke nieuwe bedelordes voor een hoge vlucht van de theologie en daarmee van de universiteiten: de Dominicanen en de Franciscanen. Wetenschap door monniken betekende dat ook de theoloog de pen van zijn ingewikkelde redenering om de zoveel uur moest neerleggen om zich bij de broeders in de kerk of de kapel te voegen voor het gebed en de eucharistie. Theologie werd letterlijk geboren uit aanbidding. Maar de dertiende eeuw bracht een snelle groei van de universiteiten in heel Europa. En de oude Griekse filosofie in het bijzonder die van Aristoteles maakt een grote opmars in de filosofische opleiding. En daarmee lijkt ook een ‘heidense’ visie op de mens en de werkelijkheid vat te krijgen op de intelligentsia en ook de theologie. Daardoor gealarmeerd waren er in de jeugd van Scotus op de universiteit van Parijs onder invloed van vooral Franciscaanse theologen een aantal stellingen veroordeeld. Determinisme en ´noodzakelijkheidsdenken´ moesten worden geweerd uit het onderwijs. Maar afwijzen en een goed alternatief bieden zijn twee verschillende zaken. Scotus bleek de aangewezen persoon om het werken aan een christelijke filosofie met succes voort te zetten.
De geboren Schot was als tiener bij de Franciscanen gekomen. Na zijn priesterwijding en de gebruikelijke lange studie van de onderbouw van de wetenschappen (de artes) studeerde hij theologie te Oxford. In 1297 begon zijn vierjarige ‘baccalaureus’. Dat betekende les geven over het belangrijkste dogmatische handboek van die tijd. Met zijn cursus maakte hij direct naam. Vanaf 1302 doceerde hij in Parijs, om politieke redenen onderbroken, en later in Keulen. Doctor subtilis werd zijn bijnaam, meester in subtiliteit, vanwege zijn logische precisie en scherpzinnige redeneringen waarin allerlei denk- en redeneerfouten werden ontmaskerd.
Gods vrijheid in zijn scheppend handelen was het centrale punt van zijn denken. En een opvallend element in zijn theologie was de gedachte dat God ook zonder de ´zondeval´ mens geworden zou zijn. Vanuit een dringende wil om zijn schepselen nabij te komen en zijn goedheid te openbaren. Hoe zou dit anders kunnen dan van mens tot mens?
De subtiliteiten van Scotus raakten in de eeuwen daarna nogal zoek. Sommige debatten en leerstellige conflicten zouden wellicht anders verlopen zijn en tot minder drama geleid hebben als hij beter begrepen was. In onze tijd kunnen we denken aan weinig subtiele redeneringen als ´wij zijn ons brein´ of ‘God bestaat niet’ die wel enige intelligente tegenspraak zouden kunnen gebruiken.

Wibrandis Rosenblatt – *1504, Säckingen – † 1 november 1564, Bazel

January 2nd, 2017 Comments off

Uw dienaar in de Heer

Luthers boek over het huwelijk werd in 1522 ook in Bazel gedrukt. Grote kans dat Wibrandis Rosenblatt het daar gelezen heeft. Na het overlijden van haar eerste man is ze achtereenvolgens met wel drie reformatoren getrouwd geweest. Eerst, in 1527, de Bazeler predikant Oecolampadius – twintig jaar ouder en door plaatsgenoot Erasmus hierover bespot. Hun drie kinderen krijgen de naam van een kerkvader en van de deugden Irene (vrede) en Aletheia (waarheid). ‘Ze is in Christus goed onderlegd, niet praatziek of uithuizig en doet het huishouden ijverig’ schrijft haar man lovend. Het is de tijd van een beeldenstorm in Bazel. De stadsregering weifelt over steun aan de Reformatie. Haar man krijgt dankzij haar officieel burgerrecht. Na vijf jaar huwelijk sterft hij. Het huishouden verplaatst zich naar Straatsburg, want ze trouwt met Wolgang Capito, oudere weduwnaar met zes kinderen en met schulden. Ze krijgt nu vijf kinderen. De volgende pastorie wordt na zijn overlijden die van Martin Bucer (de ‘uitvinder’ van de protestantse ouderling en van grote invloed op Calvijn). Ook een veel oudere weduwnaar, met een gehandicapte zoon. Haar negende en tiende kind worden geboren.
De vrouwen van de reformatoren verrichtten pionierswerk. Tegen een stroom van kritiek en spot in kozen zij voor een ‘priesterhuwelijk’. Luther had het celibaat opgeheven, evenals de scheiding tussen priesters en leken. En hij bepleitte een hoge mate van gelijkwaardigheid van man en vrouw. Wibrandis heeft haar rol en positie duidelijk verstaan als diaconaat. Maria en Marta ineen. Ze heeft grote huishoudingen gerund vlak bij de kerken die toen het epicentrum van de Reformatie vormden. Met samengestelde gezinnen met veel kinderen. Ouders die inwoonden. Gasten die over de vloer kwamen, waaronder veel collega-reformatoren. Vluchtelingen die geherbergd moesten worden. Het zijn woelige tijden. Kort na het huwelijk met Bucer wordt hij verbannen. Hij krijgt een functie in Cambridge. Even later volgt zij met het huishouden om haar man tot zijn dood te verzorgen. Even terug in Straatsburg weigert ze gehoor te geven aan een inbeslaglegging en een oproep voor verhoor. Onverschrokken. Uit brieven van anderen komt ze naar voren als innemend en doortastend. In een brief aan haar zoon die theologie studeert uit ze haar zorgen over de koers die hij vaart en geeft ze bijbels vermaan – voortaan ook typisch gedrag voor veel moeders van opgroeiende domineeskinderen.
En dan is er de pest. Die heeft in de loop der jaren al zoveel slachtoffers gemaakt in de gezinnen van haar en haar mannen. In 1564 wordt ze er zelf door geveld. Ze ligt begraven in de Bazelse Münster bij haar tweede man. Hij met grafschrift, zij zonder.
(2016)

Desiderius Erasmus – *28 okt 1466(?),R´dam – † 12 juli 1536, Bazel

January 2nd, 2017 Comments off

Ik zou willen dat de eenvoudige en zuivere Christus diep de geest der mensen werd ingeprent, en dat acht ik het best bereikbaar door aan de bronnen zelf te filosoferen

In Nederland eren we Erasmus. Zijn standbeeld in Rotterdam is een van de oudste in ons land. Al drie keer stond hij op een postzegel. Dit jaar krijgt hij een ´Gouds glas´, een gebrandschilderd raam in de Sint Jan in de stad van zijn jeugd. ´Het beschaafde menschdom heeft reden, Erasmus´ naam in eere te houden, al was het enkel omdat hij de innig oprechte prediker is geweest van die algemene zachtmoedigheid, die de wereld nog zoo bitter nodig heeft´. Aldus onze grote historicus Johan Huizinga in zijn prachtige Erasmusbiografie uit 1924.
De zoon van een priester kreeg de naam van een heilige martelaar. Zelf werd hij geen heilige en ging hij het martelaarschap uit de weg. Zijn vriend en collega-humanist Thomas Moore kwam op de brandstapel van koning Hendrik VIII. Sommige volgelingen van Luther onderging ook zo’n lot. En de protestanten dacht dat zij de juiste consequenties trokken uit de kritische beschouwingen die ook Erasmus over het christendom van zijn tijd had gegeven. Ook veel Rome-getrouwen hielden Erasmus medeverantwoordelijk door de opstand die Luther in 1517 ontketende en die zich over het hele Europa uitbreidde waar ook Erasmus’ boeken waren verspreid. Wat had hij zich kritisch geuit over de santenkraam van vaste rituelen en ceremoniën volgens vaste voorschriften, over pelgrimages en reliekenverering, biecht en aflaat, het monnikendom (hij was er een geweest in Gouda) en de eindeloze spitsvondigheden van de theologie! Maar de Reformatie was zijn werk niet. Hij bleef Rome trouw en dook weg door letterlijk van de universiteit van Leuven weg te vluchten naar zijn grote vriend de boekdrukker Frobenius in Bazel. Een paar jaar later begaf hij zich wel in een pennenstrijd met Luther over de leer van de vrije wil en de goddelijke uitverkiezing. Ze bereikten elkaar niet.
Erasmus was alleen in de wieg gelegd voor boeken. En zijn belangrijkste geschriften zijn van voor 1517. Zijn meesterwerk de Lof der Zotheid is van 1509. In de stijl van grote auteurs van de oudheid houdt hij zijn tijdgenoten satirisch spottend een spiegel voor over de dwaasheid van al het menselijk gedoe in kerk en staat, op straat en in de liefde. Soms scherp, maar vooral ironisch. De dwaasheid blijkt soms nog zo gek niet. Scheef Paulus niet over de dwaasheid van het Evangelie?
Erasmus wilde een eenvoudig, waarachtig christendom, zonder opsmuk, bijgeloof en dogmatiek. De weg erheen was de weg ‘terug naar de bronnen’. Alle vrouwtjes zouden het evangelie en de brieven moeten kunnen lezen. Een van zijn grote prestaties was een verbeterde uitgave van de Griekse tekst van het Nieuwe Testament in 1516. Hij wilde een wedergeboorte, een renaissance van de klassieke stijl van schrijven en denken, maar met als doel een renaissance van het leven in de geest van het Evangelie. Zijn invloed moeten we vooral daar zoeken waar volgelingen van Luther, Zwingli, Calvijn of de paus probeerden hun standpunten te matigen, hun conflicten te beëindigen. Of waar Hollandse regenten een republiek stichtten met plaats voor vervolgde vreemdelingen, waar gereguleerde armenzorg van de grond kwam en heksenverbrandingen beëindigd werden.
(2016)

Sara Nevius – 16 oktober 1632 Zoelen – 24 januari 1706 Rotterdam

January 2nd, 2017 Comments off

Zeer gelukkig zijn die christenen, die door de Heere Jezus Zelf geleerd worden, door de onderwijzing van zijn Geest, zonder hulp van mensen

Sara Nevius was getrouwd met Wilhelmus à Brakel, een van de meest gelezen auteurs uit het vaderlandse protestantisme van de Gouden Eeuw. Zijn dikke tweedelige geloofsleer Redelijke Godsdienst uit 1700 stond tot ver in de twintigste eeuw in menig huiskamer vlakbij de Statenbijbel. Voorin staat een ‘Opwekking voor den lezer’ op rijm. ‘Zoek wezenlijk profijt, bizonder dat uw hart/ in waarheid zij voor God, en niet bedrogen wordt’. Ondertekend Sara Nevius. Ze kon dus dichten. Maar dat niet alleen. Zelf zou ze postuum vooral bekend met een boekje over haar geloofsleven dat eveneens tot ver in de afgelopen eeuw zou worden herdrukt.
Sara was een predikantsdochter die voor haar tijd een veelzijdige scholing kreeg. Ze huwde ook een predikant, maar werd al jong weduwe. Via haar moeder in Kampen trok ze naar Utrecht. Dat is dan het centrum van de Nadere Reformatie, de beweging voor innerlijke hervorming in aanvulling op de hervorming van kerk, samenleving en verkondiging. In het circuit rond de theoloog Voetius raakt ze bevriend met Anna Maria van Schurman die haar leert dichten. In 1664 wordt Wilhelmus à Brakel, leerling van Voetius, haar tweede man. Ze verhuizen van de ene Friese pastorie naar de andere tot ze in 1683 in Rotterdam komen. Ze krijgen kinderen, maar van de in totaal zeven kinderen uit beide huwelijken wordt er maar één volwassen.
Naast gelegenheidsgedichten schrijft ze vanaf ongeveer 1673 haar meditaties op, ‘opdat ze niet slaperig, dof, lusteloos verward of lui zou worden’. Een bevriende predikant die ze om begeleiding had gevraagd in verband met de staat van haar ziel had haar doorverwezen naar de Meester zelf. Er hoefde dus geen man tussen haar en de Heer te zitten. Zo schrijft ze dan ook. ‘Alle leermeesters van de wereld zijn met Hem niet te vergelijken. Hij is de wijsheid Gods en alle schatten der wijsheid en der kennis zijn in Hem verborgen. Alles wat Hij leert, haalt Hij uit Zijn eigen schatkamer.’
Ze is actief in kringen met vrouwen en meisjes. De predikanten van de Nadere Reformatie moedigen het samenkomen in kleine gezelschappen aan om daarin geloofservaringen te bespreken. Deze conventikels van gelovige mannen en/of vrouwen zijn in de volgende twee eeuwen vaak bespot en bestreden en soms ook verboden door kerkenraden of overheden. Het zouden broeinesten van dweperij en godsdienstfanatisme zijn. Dat was soms ook zo. Maar zo konden vrouwen wel tot een eigen expressie van geloof en spiritualiteit komen. Het betekende een vergroting van het vrouwelijke domein en een relativering van de mannelijke autoriteit van kerkenraden en dominees. Hier kwamen ze letterlijk aan het Woord.
Kort na haar overlijden ontdekt haar man dankzij een vriendin de schrijfsels. Hij stelt een boekje samen: Een aandachtig leerling van de Heere Jezus, door Hemzelf geleerd, zonder hulp van mensen. Willem schrijft over haar: ‘haar lichaam was zeer welgemaakt, ook was zij schoon van gedaante, had een heldere oogopslag en een doordringend aangezicht. Zij bezat een doorluchtig verstand en was daarmee bevoorrecht zeer begerig naar kennis van goddelijke zaken. De Bijbel had zij als opgegeten. Deftigheid straalde door in haar gedrag. Zij sprak weinig, maar nauwkeurig.’ Even moet ik bij deze liefdevolle opmerkzaamheid voor innerlijke en uiterlijke schoonheid denken aan de portretkunst van Rembrandt.
(2016)

Fisk Jubilee Singers – 6 oktober 1871 Nashville (VS)

January 1st, 2017 Comments off

When Israel was in Egypt’s land: let my people go. Go down Moses!

De zwarte bevolking van de VS, van Afrikaanse slaven afkomstig, is zwaar verantwoordelijk voor het ontstaan van jazz en blues. Ze mengden ook nieuwe sounds in de christelijke lofzang. ‘Mary had a baby, yes my Lord’. ‘Oh when the saints’. ´Go, tell it on the mountain´. Voor de Negro Spirituals zijn geen afzonderlijke tekstdichters of componisten aan te wijzen. Ze zijn geboren op de slavenplantages uit de ontmoeting van de ritmes en de religie van Afrika met de taal, de muziek en het geloof van de blanke Europeanen. Slaven werden gedwongen tot het christendom bekeerd. Het spreken van hun oorspronkelijke taal werd verboden. De gebedsbijeenkomsten die hen werden toegestaan, waren vaak de enige plek waar ze zich enigszins vrij konden uiten in muziek, dans, handgeklap. En zoals wel vaker in de geschiedenis was in het bijzonder het uittochtverhaal uit de Bijbel een bron van hoop op bevrijding uit een moeilijk lot.
Als de Amerikaanse burgeroorlog voorbij is en de slavernij afgeschaft verschijnt in 1867 de eerste verzamelbundel van ‘slavenliederen’. Een zendingsorganisatie heeft kort ervoor in Nashville, Tennessee, een universiteit gesticht voor Afro-Amerikanen. Na vijf jaar gaat dit Fisk College bijna failliet. De boekhouder en muziekleider, Georg White, een blanke evangelist, verzamelt dan negen studenten voor een koor om geld in te zamelen via een tournee met deze liederen. Het koor vernoemt zichzelf naar het Jubeljaar uit de Bijbel, het 50ste jaar dat volgens de Tora slaven hun vrijheid en hun akkers terug moesten krijgen. Het eerste optreden is op 6 oktober 1871, gevolgd door een tocht langs de voormalige vluchtroute voor slaven, de Underground Railroad.
Blanken kenden wel wat muziek van hun donkere landgenoten, maar alleen door optredens van blanken die hun gezicht zwart hadden gemaakt. De eerste jaren waren vol ontberingen: slechte behandeling in hotels of helemaal geen logies of maaltijd, lang wachten in koude stations, slecht bezochte concerten, hoongelach. Het ging pas goed lopen toen belangrijke predikanten de slavenliederen aanprezen als Schriftuurlijke noodkreten om verlossing en het koor uitgenodigden in kerken en op opwekkingsbijeenkomsten. In 1872 werd er voor de Amerikaanse president gezongen, het jaar daarop voor de Britse koningin Victoria. Tussen 1875 en 1878 deed het koor het Europese vasteland aan. In Nederland kregen ze een enthousiast en gul onthaal in kerken in Harlingen, Kampen, Amsterdam en Dordrecht. Ze haalden al met al tienduizenden dollars binnen. De universiteit kon een groot gebouw neerzetten.
In 1931 nam Dietrich Bonhoeffer grammofoonplaten met spirituals uit Harlem mee naar Duitsland. Toen kort erna ‘Egypt’s land’ midden in Europa lag draaide hij ze voor de theologiestudenten van de kerk in verzet. De inspirerende kracht van de negro spirituals reikte dus ver.
(2016)

Václav Havel – *5 oktober 1936, Praag – † 18 december 2011, Hrádeček

January 1st, 2017 Comments off

Een beter systeem garandeert geen beter leven, maar door een beter leven kan men wel een beter systeem opbouwen

Het is 1977. In de communistische republiek van Tsjecho-Slowakije is geen enkele oppositie toegestaan. In 1968 hadden Russische tanks een einde gemaakt aan de Praagse Lente. Nu laat ‘Charta 77’ van zich horen, een beweging van mensen die in het Westen raken als dissidenten. De woordvoerder is Václav Havel, schrijver van toneelstukken. Al vanaf 1968 heeft hij een publicatieverbod. Hij wordt opgepakt en tot 14 maanden gevangenis veroordeeld. Zijn woordvoerderschap legt hij neer, later blijkt op grond van valse informatie. Havel schrijft dan Poging om in de waarheid te leven. Over de macht van de onmachtigen.
In dit prachtige boekje analyseert Havel de werking van het posttotalitaire systeem. Als voorbeeld gebruikt hij een groenteman die in zijn etalage tussen de uien en paddestoelen een banier hangt met de tekst ‘Proletariërs aller landen, verenigt u!’  Volgt de man hier zijn eigen overtuiging? Nee, hij betoont gehoorzaamheid aan de ideologie van de staat. En draagt zo bij aan het voortbestaan van het systeem. Dat is wat ideologieën doen. Zij dwingen mensen tot ‘leven in de leugen’.
De man kan er ook voor kiezen die tekst juist niet in de etalage te hangen en zich tot de uitstalling van zijn groente te beperken. Riskant: hij zet zijn bedrijf, zijn inkomen en zijn vrijheid op het spel! Hij speelt niet mee. Eigenlijk zegt hij ‘de keizer is naakt’. Havel laat zien dat zo’n beslissing niet allereerst een politieke daad is, maar een daad van het geweten. En wat ook de gevolgen zijn, op deze manier wordt de samenleving geïnfecteerd met het besmettelijke virus van de waarachtigheid. Havel gelooft in de kracht van de gewetensbeslissing. De strijd voor burgerrechten moet weliswaar ook in de politieke arena worden gevochten, maar is allereerst een geestelijke strijd, een gevecht om je niet af te laten brengen van datgene waar het leven voor bedoeld is.
Soms zingen we in de kerk Psalm 86 vers 4: ‘Laat mij in uw waarheid wand’len’. Zonder zelf altijd religieus te zijn hebben de mensen van de Charta-beweging een voorbeeld gegeven van wat dit kan betekenen. Vrij van copyright. En waar zijn er géén dwingende ideologieën en systemen die ons andere dingen willen laten geloven of doen dan als we ‘waarachtig’ zijn?
Havel had ook na dit boekje ervaren hoezeer systemen de bron van waarheid willen dichtstoppen. Hij werd opnieuw veroordeeld. Veel dissidenten moesten zware of geestdodende fysieke arbeid verrichten. Tot aan de ‘fluwelen revolutie’  van 1989 stond Havel permanent onder staatstoezicht. Daarna werd hij de eerste president van het nieuwe Tsjechië, zonder Slowakije. Nederland had hem in 1986 de Erasmusprijs verleend.
(2016)

Categories: Uncategorized Tags: ,

Kazoh Kitamori – *1916, Kumamoto  – †september 1998, Tokyo

January 1st, 2017 Comments off

God met pijn is de God die onze menselijke pijn verlicht met de zijne. Jezus Christus is de Heer die onze menselijke wonden heelt met de zijne.

Lijdt God ook pijn? Meestal heeft de mensheid zijn goden ver weg gehouden van het menselijk leed. De goden op de Griekse Olympus, de ‘onbewogen beweger’ van de antieke wijsbegeerte die vrij is van menselijke passies en de ‘impassibile’  God volgens de filosoof Hegel in de moderne tijd zijn niet erg betrokken. En christenen vonden ‘patripassianisme’ vaak een ketterij: de gedachte dat de Vader meelijdt in de passie van de Zoon.
Pijn is een prikkel die vermijdgedrag oproept. Ongevoeligheid, onaangedaanheid, onkwetsbaarheid lijkt ook in allerlei spiritualiteit het hoogste doel te zijn. Geen wonder dat dit ook vaak aan God als Hoogste Wezen wordt toegeschreven.
In 1946 maakte de Japanse theoloog Kitamori korte metten met de gedachte van een pijnloze God in een spraakmakend boek over ‘de pijn van God’. Maar voor christenen is het ‘woord van het kruis’ het absolute uitgangspunt van het denken en spreken over God. God is in deze wereld in pijn. En navolging van Christus kan niet zonder lijden. Brengt juist de pijnlijke strijd tegen je egocentrie je niet dichter bij God? Of de klappen die je oploopt als je je nek uitsteekt voor een ander? Hoe belangrijk is naar een woord van Luther voor een kerk het ‘con-dolere’, het delen in een anders leed! In pijn kan juist een bron van vreugde en geluk open gaan. Maar dan luistert het besef van verschillende soorten pijn nauw.

Theologie uit Japan? Ja, ook in Japan zijn er christenen. In 1638 hadden de shuguns het land gesloten voor buitenlanders, priesters en missionarissen waren ook daarvoor al soms verdreven of vermoord. ‘Buitenlandse’ godsdiensten moesten ondergronds. In 1853 ging het land weer open en in 1871 kwam er godsdienstvrijheid. Slechts een klein percentage van het land behoort bij een van de vele kerkgenootschappen. Dat maakt ze niet onbelangrijk. Al acht  keer had een premier een christelijke achtergrond.
Kitamori was de eerste Japanner die een theologisch boek schreef. Het verscheen een jaar na de atoombommen op Nagasaki en Hiroshima en het einde  van de Tweede Wereldoorlog. Japan had net miljoenen mensenlevens onder soldatenlaarzen vermorzeld, maar was vervolgens zelf de afschrikwekkende proeftuin geworden voor het ergste wapentuig dat de mensheid ooit had uitgevonden. Het boek oefende in vertaling een tijdlang wereldwijd grote invloed uit in de theologie.
Uit de Bijbel trokken Jeremia en Paulus Kitamori’s bijzondere aandacht, uit de christelijke theologie waren Luther en Kierkegaard zijn favorieten. Hij liet ook verschillen en overeenkomsten zien met de eigen cultuur. Zo kent Japan vanouds de waarde van tsurasa, zelfopoffering, maar niet met de diepte van het Evangelie over het offer voor de zwakke en de zondaar. Dankzij een paper over Luther was Kitamori op de middelbare school tot de keuze voor theologie gekomen. Naast theologie studeerde Kitamori filosofie en literatuurwetenschap. Tot op hoge leeftijd was hij theologieprofessor, vernieuwend kerkleider, pastor en voorganger.
(2016)

Hildegard van Bingen – *1098, Bermersheim  – † 17 september 1179, Rupertsberg bij Bingen

January 1st, 2017 Comments off

Meer nog dan de schoonheid van de schepping moet de wijsheid worden bemind:  zij wordt door alle heilige zielen liefdevol erkend

Klopte het gerucht dat op feestdagen de nonnen met loshangend haar in het koor staan te zingen, met lange witte zijden sluiers, goudkleurige kransen op het hoofd met een kruis en een afbeelding van het Lam, en met gouden ringen aan de vingers? Zo schreef  een geschokte moeder-overste ergens in Duitsland aan Hildegard, abdis van een nonnenklooster op de Rupertsberg bij Bingen aan de Rijn. Wat een nieuwlichterij!
Zo doen ze dat, ja. In Hildegards klooster is ruimte voor creativiteit, spel en symboliek. Op feestdagen lopen de nonnen vooruit op het paradijs dat komen gaat. Stralend wit gaan zij hun Bruidegom tegemoet. En ze zingen door Hildegard zelf gecomponeerde zangen. Zeventig ervan werden pas een halve eeuw geleden gedrukt. Niet alleen de noten, maar ook de spirituele teksten waren in haar tijd vernieuwend.
Dat was de dynamische twaalfde eeuw. Vanaf haar achtste had ze in een klooster onderwijs genoten. Rond haar vijftiende trad ze in. Van jongsaf had ze visioenen. Aangemoedigd door de beroemde Bernard van Clairvaux, die ze om raad had gevraagd, begon ze die in 1141 op schrift te stellen. In een reeks boeken ontvouwde ze haar originele inzichten over God en mensen, hemel en aarde, deugden en ondeugden, natuur en geneeskunst. Vrijmoedig vanuit haar eigen vrouwelijke perspectief. Ook letterlijk kregen thema’s van het geloof een eigen inkleuring: kleurige miniaturen illustreren haar boeken.
Een van haar thema’s is de Wijsheid die God vergezelt in zijn scheppen. Ze schrijft God onomwonden ‘moederlijke barmhartigheid’  toe of een ‘bevruchtende’ aanwezigheid. Ze onderzoekt ook heel gedreven de samenhangen tussen lichaam, ziel en zintuigen, tussen natuur en geest en verwondert zich over alle krachten die er werkzaam zijn, zoals de viriditas, de groeikracht. Ze ontwikkelt therapeutische gaven.
Ondertussen leidt ze haar klooster, correspondeert ze uitgebreid met vorsten, pausen en abten, waarbij ze hen zo nodig ook de les leest over hun machtsconflicten, maakt reizen, preekt dan zelfs, onder meer in Keulen tegen de Katharen die volgens haar Gods goede schepping minachtten. De ‘Zieneres van de Rupertsberg’,  de ‘Teutoonse profetes’ werd een beroemdheid.
Pas in 2012 heeft de paus haar heilig verklaard en als kerklerares erkend. De wijsheid in onze collectieve omgang met de schepping was intussen nogal zoek geraakt. Hildegard inspireert om niet te wanhopen aan haar vindbaarheid.
(2016)

Maarten Micron – *1523, Gent  – † 12 september 1559, Norden

January 1st, 2017 Comments off

´..de kinderkens zyn de sonderlickste lidtmaten der Gemeynte Christi, ende behooren hem toe, ende hebben daerom den heyligen Gheest…´

Zo staat het in het oudste doopformulier van de Nederlandstalige gereformeerden, gedrukt in 1559. Auteur is Maarten Micron, Marten de Cleijne. Ballingen die vanwege de vervolging in de Nederlandse gewesten uitgeweken waren, vormden in Londen in de regeringsperiode van koning Eduard VI (1547-1553) voor het eerst een aparte Nederduitse vluchtelingengemeente in de voormalige Augustijner kerk. Micron kwam via Straatsburg, Bazel en Zürich en stond in contact met de Zwitserse kerkhervormers Bullinger en Calvijn. In Londen predikant geworden zette hij zich onmiddellijk aan het schrijven van leerboeken voor de catechisatie en regelingen voor de liturgie. Voorbeelden van elders krijgen een eigen kleur.
Kinderen moeten dus worden gedoopt. ‘Niet in eenen hoec des Tempels, mer altijts inde ghemeine vergaderinge.’ Het kan de hele gemeente stichten. Maar zuigelingen hebben toch nog niet zelf een geloofskeuze kunnen maken? Nee, ze zijn als de ´doove ende zotten der gemeente Christi´. Onwetend en onschuldig. Maar ze horen er helemaal bij. Want de Heilige Geest is er ook vroeg bij. Die zorgt ervoor dat ze in liefde, wijsheid en geloof kunnen opgroeien. Ze hebben immers gelovige ouders. En gereformeerden staan fier in hun geloof. Wie in Londen toetreedt moet belijden  dat hij of zij zichzelf een kind van God weet, door Jezus Christus van zonden gereinigd en door de Geest tot de gehoorzaamheid aan de goddelijke geboden aangezet. Hier geen koestering van twijfels over de kans op eeuwige verlorenheid zoals later wel in ‘gereformeerde bevindelijkheid’.  En Microns eerste gedrukte boek is dus een ‘kinderleere’ (1552). Met 14 jaar mogen de jongelui aan het Avondmaal.
Na het gedwongen vertrek uit Londen zwerft de gemeente rond langs Duitse havens.  Micron voert naar de gewoonte van de tijd allerlei openbare debatten over geloofszaken, in het bijzonder met Menno Simons, leider van de ‘wederdopers’. Het gereformeerde geluid is wennen voor lutheranen en doopsgezinden. Uiteindelijk wordt Micron predikant in Norden boven Emden. De pest brengt een vroege dood.
Microns doopformulier speelde nog een grote rol in Hollandse discussies in de 20ste eeuw over de leer van een ‘veronderstelde wedergeboorte’ van pasgeboren kinderen. En de kloof tussen baptisten en alle andere kerken wat betreft de dooppraktijk is er ook nog steeds. Ook al maken protestanten steeds meer ruimte voor kinderzegening en kennen baptisten het ‘opdragen’ van kinderen.
Maar dat God een bijzonder oogje heeft op kinderen, daar kan niemand onder uit.  (2016)

Categories: Uncategorized Tags:

Willem van St. Thierry – * plm. 1075, Luik – † 8 september 1148, Signy-I’Abbaye

January 1st, 2017 Comments off

Als de zoekende rede opzij wordt gezet, zal de innige liefde uitgroeien tot kennis

De Gulden Brief is een belangrijk geschrift uit de hoogtijdagen van de christelijke mystiek.  De auteur was afkomstig uit de omgeving van Luik en hij wordt daarom wel de eerste mysticus uit de Lage Landen genoemd. Willem werd monnik in de buurt van Reims. Daar werd hij tot abt gekozen van het klooster St. Thierry. Het klooster stond in de benedictijnse traditie. Hij was dus een ‘zwarte monnik’. Maar hij raakte bevriend met Bernard, de jonge cisterciënzer abt van Clairvaux, de beroemdste geestelijke van zijn tijd. Toen deze een studieverlof had bestudeerden ze samen een commentaar op het bijbelboek Hooglied van de oosterse kerkvader Chrysostomos. De mystieke interpretatie van dit bijbelboek was in deze tijd erg populair en beide droegen er met belangrijke publicaties aan bij. Samen waren ze ook tegenstander van de theoloog Abelardus – beroemd vanwege zijn affaire met Heloïse. En uit verlangen naar meer afzondering stapte hij zelf ook over naar een cisterciënzer klooster, dat van Signy in de Ardennen.
Voor de novicen van een nieuw klooster van de karthuizen schreef hij in 1144 De Gulden Brief. Het is een handleiding voor het monnikenleven en het zou de belangrijkste middeleeuwse synthese van monastieke theologie worden. Willem sloeg bruggen tussen theologie van het oosten en van het westen en tussen verschillende opvattingen over spiritueel leven in de diverse kloostertradities. Hij verdeelde het geestelijk leven in drie fasen of stadia. Het leven van de beginnelingen op de geestelijke weg noemt hij animaal of lijfelijk. De gevorderden leven bewust, ‘rationeel’. De volmaakten spiritueel. Maar de stadia lopen ook door elkaar heen. De discipline die de beginneling leert blijft levenslang de basis. De brief neemt al deze disciplines door. De handarbeid en de meditatieve tekstlezing, het gebed en de gehoorzaamheid, de strijd tegen de begeertes van lichaam en geest. Zo kan vervolgens het bewustzijn groeien, het leven met aandacht. De geest opent zich naar God. De liefdevolle hechting aan de wil van God kan tot stand komen, de eenwording met de liefde. Zo wordt het klooster schola caritatis, leerschool van liefde. En deze caritas is bij Willem genieten: God genieten! En dat is genade. Het is de Heilige Geest die in ons werkt.
Dit is andere theologische koek dan ‘God bestaat niet’. Ubi caritas, ibi deus est. Waar liefde is, is God. Het christelijke denken over de mogelijkheden om tot vervulling met goddelijke liefde te komen raakte in de twaalfde eeuw in een stroomversnelling. Vervangen we  het woord liefde door ‘compassie’ en laten we tot ons doordringen hoe fragmentarisch die vaak blijft, terwijl ons lastige kind, onze kwetsbare hoogbejaarden, onze vluchtelingen die zo hard nodig hebben: dan is duidelijk dat die oude mystici maar lef hadden door zo hoog op te geven van de mogelijkheden om met liefde vervulde mensen te worden.
(2016)

Johann Georg Hamann – *27 augustus 1730, Koningsbergen – † 11 juni 1788, Münster

January 1st, 2017 Comments off

Het boek van de natuur en van de geschiedenis vormen niets dan verborgen tekens die de sleutel van de Heilige Schrift nodig hebben voor ontcijfering, en die het doel van haar ingeving is

Van beroep ambtenaar bij de douane in Koningsbergen, het pruisische universiteitsstadje dat nu in een Russische enclave ligt. Tegelijk een groot denker, een lekentheoloog. Hij vervaardigde compacte tekstcomposities waarin het wemelt van citaten uit filosofische geschriften van zijn tijd, uit oude Griekse of Romeinse auteurs, uit de Bijbel. Voor de lezer van nu volstrekt onbegrijpelijk zonder uitvoerige toelichting. Maar de ontwikkelde lezer van toen was onder de indruk van de inbreng die hier uit uitgesproken lutherse hoek op grote vraagstukken van zijn tijd geleverd werd.
Hamann had als jonge man tijdens een persoonlijke crisis een ‘hellevaart van de zelfkennis’ ervaren. Hoe volgestopt ook met literaire kennis, alleen de Heilige Schrift (een paar keer achter elkaar helemaal gelezen) had hem kunnen redden. Daarin gaat het boek open over wie we zijn. Genadige verlichting. Je mag er zijn mét al je hartstochten en impulsen.
En met deze ervaring gewapend kijkt hij naar zijn tijd. De Verlichting krijgt Europa steeds meer in de ban. Het licht van de Rede en de Natuur als onderwijzer van wat redelijk en goed is staat hoog op het voetstuk. Maar is de gezondheid van de rede niet de meest onbeschaamde roem die de mens zichzelf toezwaait? En Hamann loopt al vooruit op een moderniteit waarin de wereld en het leven uit zichzelf betekenisloos zijn geworden. Arme mens die helemaal zelf voor zingever van het universum moet gaan spelen.
Zijn commentaar is intelligent en ironisch. De ene keer speelt hij een rondvragende Socrates, de andere keer ‘ridder van het Rozenkruis’ die zijn laatste wilsbeschikking geeft (een toespeling op de vrijmetselarij, maar tegelijk op de Lutherroos) of een Sibylle, een profetes uit het antieke Rome. De denkers van zijn tijd en later waarderen het, ook al zijn ze het niet eens: Mendelssohn, Lessing, Herder, zijn plaatsgenoot Immanuël Kant, Goethe, Hegel. Maar ook minder geleerde mensen doen dat. Overal vandaan krijgt ‘de Wijze uit het Noorden’ brieven, komen mensen langs of nodigen ze hem uit voor een bezoek.
Deze hartstochtelijke minnaar van taal en schrift woonde ongehuwd samen met een analfabete vrouw, Regina. Binnen de bijbelse normen van liefde en trouw. De dominee had daar niet van terug en het Avondmaal is hem nooit geweigerd. Ook niet toen hij in zijn schrijfsels nadrukkelijk de lof zong op de seksualiteit als onderdeel van Gods goede schepping. Want aan Hamann lag het niet dat de Verlichting nog rare kinderen zou baren, zoals Victoriaanse preutsheid, dubbele seksuele moraal, vulgair exhibitionisme.
‘De meest oprechte  christen die ik ooit heb ontmoet’ schreef een bevriende gravin.
(2016)

Bernard van Clairvaux – * 1090, Bourgondië – † 20 augustus 1153, Clairvaux (Fr.)

January 1st, 2017 Comments off

Dan vraag ik als monnik aan andere monniken, wat heidenen aan  heidenen verweten: wat moet al dat goud in het heiligdom?

Divers abdijen, een berg en een hondenras zijn naar hem genoemd. Kloosterstichter, theoloog, abt, leider van concilies, diplomaat, kruistochtprediker. Beeldbepalend voor het christendom van de twaalfde eeuw. De Bourgondische edelman trad in bij de cisterciëncers die kort ervoor in Citeaux (Cistercium) een klooster begonnen waren dat terugkeerde naar een strakke toepassing van de Regel van Benedictus. In de kloosters van Cluny werd daar namelijk de hand mee gelicht. Monniken lieten zich er bedienen! Kort erna werd Bernard stichter en abt van een nieuw klooster toevertrouwd: Clairvaux. Het werd een groot succes. De cisterciënzers keerden terug naar ‘bid en werk’ en stichtten  hun kloosters in afgelegen gebieden om daar te leven wat hun eigen spitwerk op hun landerijen hen opbracht of het schrijfwerk in het scriptorium. Bij Bernards overlijden had Clairvaux meer dan 80 dochterstichtingen. De ‘schiere monniken’ – cisterciënzers kozen voor een licht habijt van ongeverfde wol – verschenen kort erop ook in onze streken. Klaarkamp en Aduard waren kloosters van de Clairvaux-tak. Tegen de kritiek van het jaloerse en machtige Cluny verdedigde Bernard zijn soberheid hartstochtelijk en welsprekend. Wat moeten kunstzinnig gebeeldhouwde gedrochten en gouden kroonluchters zo groot als molenstenen in kloosters? Beschilderde muren zijn misschien nuttig in parochiekerken, maar monnikenen leiden ze alleen maar van het gebed af. Cisterciëncer kloostergebouwen uit de begintijd schitteren dan ook vooral door de sobere gestrengheid van hun architectuur.
Bernard kreeg groot moreel gezag ook buiten de kloosters, met zijn inzet voor herstel van de vervallen christenheid. Politieke conflicten werden bijgelegd, het geestelijk leiderschap van de paus hersteld, machthebbers aangezet tot meer respect voor de bijbelse normen van rechtvaardigheid en barmhartigheid voor de arme. Meer dan 300 nagelaten preken en brieven getuigen van zijn strijd tegen neergang van het christendom. Ook theologisch wist hij van wanten. Minder aangenaam was Bernards optreden tegen de theologische ‘nieuwlichter’ Abelardus, bang dat de leerschool van de barmhartigheid zou gaan wijken voor geleerde nieuwsgierigheid louter om bevrediging van het intellect.
Bernard vertolkte de verschuiving van de gerichtheid van de devotie op de goddelijke verhevenheid van Christus richting zijn lijden en zijn menselijke beleving. Hier begint de ‘bloed- en wondenmystiek’ die eeuwen later in de Mattheüspassie van Bach tot een muzikale climax komt (over kunst in de kerk gesproken). Een hele serie preken is gewijd aan het Hooglied, over de mateloosheid van de liefde die uit God komt. Bij Bernard gaat dit allemaal samen met Mariaverering. Met troubadours, ridderromans en het ideaal van hoofse liefde begint Europa ‘romantisch’ te worden. Ook Bernard heeft zijn hart verpand aan een Vrouw. Vond hij in haar misschien zijn eigen diepbetreurde moeder Aleth terug?
Bernard was ook de man die op de heuvels bij de kathedraal van Vézelay in opdracht van de paus de tweede kruistocht predikte, na een noodroep van christenen uit Edessa die onder de voet gelopen werden door de Turken. Die liep volledig uit de hand, om te beginnen met verschrikkelijke jodenvervolgingen in het Rijnland. Hij heeft wel geholpen om de hoofdverantwoordelijke daarvoor aan banden te leggen. Maar Bernard is dus geen Franciscus en zelden zijn heiligen in álle opzichten navolgenswaardig.
(2016)

Hippolytus van Rome – * plm 170, Klein-Azië – † 235, Sardinië

January 1st, 2017 Comments off

… melk en honing, samen gemengd, ter vervulling van de belofte aan de vaderen van ‘een land van melk en honing’. Want met de gave van zijn lichaam voedt Christus de gelovigen, door hun bitterheid te verzachten met de zoetheid van zijn woord.

Een vijftal kerken in ons land en een dorp dragen zijn naam en 13 augustus is zijn dag op de westerse heiligenkalender. Sinds 192 was Hippolytus priester te Rome. Hij had conflicten met verschillende opvolgers van Petrus ter plaatse. Over het ´hot item´ van de relatie tussen Christus als het Woord van God en God de Vader. En over de versoepeling van het boetebeleid. Als paus Calixtus in 217 een paar seksuele zonden aanwijst als zonden die met een boete wel weer ongedaan gemaakt kunnen worden, laat Hippolytus zich door volgelingen uitroepen tot tegenpaus.
Hij was een productief schrijver. Hij bestreed de gnostische ketters en hun neiging om meer eer te geven aan heidense filosofie dan aan de christelijke openbaring. Het oudst bekende christelijke commentaar op het bijbelboek Daniël is van zijn hand. In een geschrift over het thema van de antichrist bestreed hij het geloof in een 1000-jarig rijk. Een deel van zijn geschriften van is overigens pas in de negentiende eeuw weer ontdekt.
Een interessante informatiebron is zijn beschrijving van de liturgische praktijken en de organisatie van de kerk van Rome, de Traditio Apostolica. Nog steeds was het samen eten en drinken belangrijk, sociaal én spiritueel. Er worden niet alleen brood, wijn en water ‘geofferd’. Bij de wijding van een nieuwe voorganger komen er ook kaas en olijven op tafel. En bij doopplechtigheden melk met honing. Want het vleesgeworden Woord van God brengt je in het Beloofde Land. Dat het bij Hippolytus in de kerk zo goed mocht smaken lees je in de liturgische handboeken nooit terug.
Er flakkeren nog regelmatig christenvervolgingen op. In 235 verbant een nieuwe keizer hem samen met de nieuwe paus Pontianus naar Sardinië. De twee stierven daar, waarschijnlijk bezweken onder de onmenselijke omstandigheden in de mijnen. Al in 236 werden ze als heilige martelaars naar Rome overgebracht en begraven in de catacombe van Calixtus.
Een andere lezing is dat Hippolytus een militair was die als bewaker van de martelaar Laurentius onder de indruk raakte van de volharding van die man. Toen de keizer merkte dat ook Hippolytus tot de ‘sekte’ behoorde, liet hij hem door wilde paarden uiteen scheuren. Hippolytus werd daarom afgebeeld als ruiter of krijgsman met lans en de palmtak van overwinning, onder meer in het wapen van Middelstum. Maar deze legende lijkt verdacht veel op oude Griekse mythologie over een godenzoon Hippolytus en op de betekenis van zijn naam: ‘vernield door paarden’. Alleen ‘doet’ een bekeerde militair het natuurlijk beter dan een orthodoxe theoloog die geen water in de wijn van de christelijke leer doet en die inzet op een kerk met een eigen verhaal met eigen praktijken en duidelijke waarden.
(2016)

Categories: Uncategorized Tags:

Jhieronimus Bosch – *circa 1450, ´s-Hertogenbosch – 9 augustus 1516 aldaar begraven

January 1st, 2017 Comments off

Moraliteit saelt wesen

500 jaar geleden werd hij in zijn stad Den Bosch begraven. Een groot kunstenaar. Maar hoort ´den duvelmakere´ ook in deze rubriek Geloofsgetuigen? Een paar bezoekers van de schitterende tentoonstelling van zijn werk eerder dit jaar in zijn stad vonden desgevraagd van wel. Ik aarzelde. Met zichtbaar plezier verzon hij allerlei wangedrochten: ´vreemde drollen ende seltsame grillen´. De Tuin der Lusten is een feest van blote lijven. En geestig schildert hij op De Hooiwagen hoe iedereen, de geestelijkheid incluis, een graantje meepikt van de rijkdommen des levens, ook al voert het naar de hel. Waarop hij ook graag zijn fantasie loslaat met misschien verwerking van eigen herinneringen aan een heuse stadsbrand: de hel op aarde die iedereen kon treffen.
Maar een schilder met goed betalende kerkelijke opdrachtgevers hoeft zelf niet per se religieus te zijn. Soms hebben juist nogal seculiere componisten, filmmakers en schilders grote religieuze werken geschapen. En wie hemel en hel op het witte doek of het kale hout brengt weet dat hij eigen verbeelding projecteert op wat per definitie de voorstelling te boven gaat.
Aangeland bij De Hooiwagen hoorde ik een moeder haar kind uitleggen wat voor figuren er allemaal aan het hooi staan te trekken, onnadenkend en kortzichtig bezig om het eigen geluk na te jagen. Het jochie was vol aandacht. Die kreeg wat mee. Precies wat Bosch beoogt. Mensen laten nadenken over hun keuzes. Hij waarschuwt voor dwaasheden, stelt wangedrag aan de kaak. En schildert kluizenaars als voorbeelden voor de strijd tegen alle zonden.
Aan het begin van de tentoonstelling stond De Landloper, een pelgrimsfiguur die blijkens allerlei subtiele symbolen op het schilderij in de vorm van een spiegel je uitnodigt om ‘te bespiegelen’. In hoeverre weet jij je aan de verleidingen te ontrukken die je van het ‘lopen van de Weg’ willen afhouden? Er komen geen Jezus of Maria op voor. Er wordt niet geknield of gebeden. Hoogstens op aanpalende schilderijen. Het gaat om jou in het nu.
Op het schilderij dat de hekkesluiter vormde was de ‘tunnel naar het licht’ geschilderd zoals veel mensen die na bijna-dood-ervaringen die wel beschrijven. Voor het eerst in de geschiedenis! Uit eigen ervaring? We weten het niet. Wel dat hij allerlei geestelijke lectuur onder ogen gehad moet hebben. Hij was lid van een genootschap dat zich liet inspireren door de Moderne Devotie, de beweging voor spirituele verdieping die dan al eeuw lang actief is.
Misschien is juist in die spannende combinatie van spot en humor met ernst en van spirituele bezonnenheid met alledaags leven in huwelijk, baan en stad wel zijn boodschap gelegen.

(2016)

Categories: Uncategorized Tags: ,

Ignatius van Loyola – *24 december 1491, kasteel Loyola (Sp) – †31 juli 1556, Rome

January 1st, 2017 Comments off

.. dat wij in al onze activiteiten, voorzover als mogelijk, vrij zijn, op ons gemak bij onszelf en gehoorzaam aan het licht, dat in het bijzonder aan ieder is gegeven

Paus Franciscus is een Jezuïet. Oprichter van de Societas Jesu en de eerste generaal van deze orde was Ignatius, een Spaans geestelijke en auteur van de Geestelijke Oefeningen. Hij was een oudere tijdgenoot van Calvijn. Hun paden hebben elkaar in 1534 nog bijna gekruist doordat ze na elkaar in Parijs op hetzelfde instituut hebben gestudeerd. De een werd leider van de Reformatie, de ander riep het staande leger van missionarissen in het leven dat de Contra-Reformatie van de paus ging dienen. Tegenpolen dus, maar wel met eenzelfde passie om mensen tot geestelijk leven en intieme omgang met God te brengen.
Ignatius was de zoon van een Spaanse edelman, geboren in Baskenland.  Een ommekeer in het leven van de ambitieuze jongeman vond plaats toen hij diende in het Spaanse leger. Bij de Franse belegering van Pamplona in 1521 verwondde een kanonskogel zijn benen. Tijdens zijn ziekbed werd hij zich bewust van verschillende innerlijke gemoedsbewegingen bij wat hij las: behalve ridderromans ook boeken over het leven van Jezus en over heiligen zoals Franciscus van Assisi. Dit was het begin van zijn methodische ‘onderscheiding der geesten’. En hij kreeg visioenen. Eenmaal genezen hing hij zijn wapenrusting aan de kapstok bij een Mariabeeld. Met een streng ascetisch leven nam hij zichzelf stevig onder handen. Daarbij reisde hij onder meer naar Palestina.
De Geestelijke Oefeningen uit 1522-’24 vormen een stap-voor-stap-handleiding voor een vierwekentraining van bezinning en meditatie aan de hand van de thema´s zonde, het leven, het sterven en de opstanding van Christus. Het werd pas in 1548 gedrukt. Intussen had hij met enkele geestverwanten in 1534 de plechtige geloften van een monnik afgelegd. In 1540 werden de statuten van de orde goedgekeurd.
De orde groeide snel. De Jezuïeten gingen van meet af de hele wereld over en waren overal actief in onderwijs en wetenschap, kerkbouw, biecht afnemen, zorg aan pestlijders. Ze stichtten universiteiten, bouwden kerken, adviseerden en bekritiseerden overheden en stichtten de staat Paraguay. Hun politieke invloed riep ook verzet op. Onder druk van verschillende Europese hoven werd hun orde in 1773 door de paus opgeheven. Ze moesten in ballingschap tot een andere paus hen in 1814 weer de ruimte gaf.
‘Ignatiaanse’ meditatie is recent ook onder protestanten aan een opmars begonnen. Een belangrijk ´exercitie´ die Ignatius aanprees is namelijk het in werking zetten van de verbeeldingskracht bij het eerbiedig overwegen van een Bijbelgedeelte. Deze visualisering en de aandacht voor de innerlijke gewaarwordingen daarbij kan sterke effecten hebben.
(2016)

Wang Mingdao – * 25 juli 1900 Bejing  –  † 28 juli 1991 Sjanghai

December 31st, 2016 Comments off

Aangezien ik de Heer gehoorzaam zal ik niemands bevel dat tegen Gods wil ingaat opvolgen’.

Wie over de geschiedenis van het christendom in China leest stuit onvermijdelijk op Wang Mindao. Een indrukwekkende man vanwege de onverschrokken houding waarmee hij een kaarsrechte lijn getrokken heeft over de positie van de kerk ten opzichte van de opeenvolgende regimes in zijn land. Een leider die bereid was de prijs te betalen die de toewijding aan het Evangelie met zich mee kan brengen. Dat hij levenslang gekant was tegen liberaal christendom had in zijn situatie respectabele redenen.
Als tiener was hij bekeerd. Hij veranderde zijn naam van Tie-zi, ‘ijzeren wil’, in Mingdao, ‘getuige van de waarheid’. De keuze voor een herdoop in een koud riviertje betekende het einde van zijn baan als onderwijzer op een presbyteriaanse school. Tijdens een lange retraite las hij zes keer de hele Bijbel door. Hij begon thuis Bijbelstudies te houden en werd een gedreven en invloedrijk evangelist. In de jaren twintig en dertig waren er grote opwekkingsbewegingen actief in China. Wang stichtte een eigen kerk in Bejing, de Christelijke Tabernakel. In zijn eigen tijdschrift voor geestelijk voedsel onthield hij zich tijdens de Japanse bezetting van politieke uitspraken, maar hij zwichtte evenmin voor pogingen om zijn kerk aan staatscontrole te onderwerpen.
Na de nederlaag van Japan en de communistische machtsovername ontstond de Drie-Zelf-Beweging. Volgens de drie principes van zelfbestuur, zelfvoorziening en zelfvoortplanting verklaarde deze beweging de kerk van China onafhankelijk van het buitenland en onderdanig aan de communistische partij. Leidende figuren waren vaak liberaal theologisch opgeleid aan westerse instituten. Wang wees deze beweging openlijk af. Je kunt niet tegelijk kerk van Jezus Christus zijn en dienaar van een atheïstische regering. Het gevolg was dat hij in 1954 op een grote bijeenkomst van christelijke afgevaardigden publiekelijk werd aangeklaagd. Terwijl Wang zwijgend naar het plafond bleef staren werd er gestemd over doodstraf of gevangenschap. Slechts een kwart stemde voor straf. Wang kon nog even preken, voor groot publiek zelfs. Maar de Drie-Zelvers bleven doorgaan met beschuldigingen dat hij ‘imperialistisch gif’ verspreidde. In 1955 werden hij en zijn vrouw gearresteerd. Zijn kerk werd gesloten. Na een stevige hersenspoeling tekende hij een bekentenis en kwam hij weer vrij. Tijdens de gedwongen publiekelijke verontschuldiging kon hij niet veel meer dan prevelen dat hij een Judas of een Petrus was geweest. In 1958 volgde levenslange opsluiting. Hij kwam in 1980, na het einde van het Mao-tijdperk, vrij uit het werkkamp, tandeloos, bijna blind en doof. Hij is nog betrokken geweest bij de Huiskerkbeweging. ‘Oom van de huiskerken’ werd zijn erenaam. Een compensatie van de Drie-Zelf-kerk voor het geleden leed stuurde hij terug. Het plaatje over zijn soms wel erg rigide opvattingen wordt charmant verzacht door Liu Jingwen, de veel toegeeflijker vrouw aan zijn zijde die alles had meegeleefd en meegeleden.
(2016)

Oepke Noordmans – *18 juli 1871 Oosterend (Frl) – † 5 februari 1956 Lunteren

December 31st, 2016 Comments off

De schepping is een plek licht rondom het kruis

Zijn verzamelde werken beslaan elf banden opstellen, lezingen, preken, brieven, boeken. De Friese boerenzoon Noordmans, dominee in Idsegahuizen-Piaam, Suameer en Laren (Gld) was een van de belangrijkste protestantse theologen in ons land uit de eerste helft van de vorige eeuw. Met een heel eigen beeldende en speelse stijl van schrijven en van denken. Niet zo barok als zijn vriend Miskotte. Geen strakke systematische redeneringen in lange zinnen zoals in de dikke dogmatieken van Karl Barth, de theoloog die vanaf 1918 internationaal de toon zette van het theologisch debat. Noordmans was het wel met hen eens maar redeneerde anders. De schuchtere man werd nooit professor. Het verhaal gaat dat hij vanwege smetvrees op ziekenbezoek de patiënt zijn wandelstok de hand liet geven. Dat nam niet weg dat hij schrijvend aan de hoek van zijn keukentafel in diep contact stond met de geest van de cultuur van Europa en zijn tijd. In meditaties klinkt soms het geluid van de leeuweriken of de bastoon door van het huisorgel uit zijn Friese jeugd, maar ook de dramatiek van nazisme en oorlogsgeweld, het falen van Europa. Zijn eigen pastorie werd getroffen door een bom.
Bekend werd zijn boek ‘Herschepping’ (1934). Hierin nam hij in kort bestek de geloofsleer door met de beroemde zin ‘scheppen is scheiden’. Geschreven voor leiders van jongerenkampen, geplunderd door predikanten. Ook een bestseller werd ‘Gestalte en geest’, een bundeling van theologische meditaties die hij als pensionado had geschreven. Het weerspiegelt de hoofdlijn van zijn denken over bijbel, kerk en geloof. Hoe God geschiedenis maakt door steeds opnieuw gestalte te geven aan zijn bedoelingen, maar oude gestaltes ook te verbreken om plaats te laten maken voor betere. God leert zelf ook van de geschiedenis. Saul moet plaatsmaken voor David en hij wekt verwachting voor een betere Messias. Het meest zichtbaar is God in de gebroken gestalte van de gekruisigde Jezus. Daar licht op wat onze verlossing is. Maar ook in de vertolking voor de wereld van de betekenis van Christus gaat het zo verder. Petrus gaat en Paulus komt.
En niet aan eenmaal gegroeide vormen blijven hangen was dan ook Noordmans’ credo voor de kerk. Hij was jarenlang intensief betrokken bij pogingen tot diepgaande reorganisatie van de Hervormde Kerk, als lid van de vereniging Kerkopbouw. Pas in de ‘apostolaire’ Kerkorde van 1951 kwamen gedachten uit deze beweging tot uitvoering. En zijn idee over huisgemeentes krijgt eigenlijk pas sinds kort voet aan de grond. Eerst moest kennelijk de secularisatie verder zijn gegaan om open te staan voor andere vormen van organisatie van kerkelijk leven dan de klassieke met dominee en kerkenraad.
Noordmans leert je om niet bang te zijn als oude vormen niet meer werken en in puin gaan. En om te blijven geloven in de herscheppende krachten van een zeer menslievende Geest.

Aritius Sybrandus Talma – *17 februari 1864, Angeren – † 12 juli 1916, Haarlem

December 31st, 2016 Comments off

‘De arbeider heeft toch een goddelijk recht op vrijheid en zelfstandigheid. Een recht op voldoende beloning om met zijn gezin als burger, huisvader en kerklid een menswaardig leven te leiden.’

Voordat ‘vadertje Drees’ de AOW invoerde bestond er de Ouderdomsrente. De grondlegger van onze sociale wetgeving was een hervormde dominee met Friese voorouders. Syb Talma, geboren in een pastorie, was zelf predikant in Heinenoord, Vlissingen en Arnhem, en na zijn politieke loopbaan nog in Bennebroek en als veldprediker in het leger.
1891 – nu 125 jaar geleden – geldt als het geboortejaar van de christelijk-sociale beweging. Abraham Kuyper opende het Eerste Christelijk Sociaal Congres met een belangrijke rede en in Rome verscheen de pauselijke encycliek Rerum Novarum. Concrete politieke resultaten had het niet direct, ook niet toen Kuyper minister-president was. Dat veranderde toen Talma in 1908 minister werd van Landbouw, Nijverheid en Handel, waaronder in die tijd ook sociale wetgeving viel. Hij had zich in 1891 bij de ARP, de partij van Kuyper, aangesloten.
Hoe zijn sociaal bewustzijn ontwaakt was? Hij hoorde als student in Utrecht bevlogen colleges van de ‘ethische’ professor Valeton over de oudtestamentische profeten. Hij zag de worstelingen van gemeenteleden om de kinderen voldoende te voeden. Hij las geschriften van de Britse geestelijke en christen-socialist F.D. Maurice. En hij werd actief binnen de protestantse arbeidersbond Patrimonium. ‘De Leeuw van Patrimonium’ organiseerde debatten met liberalen en socialisten. Hij verdedigde het stakingsrecht en droeg zo bij aan de doorontwikkeling tot echte vakbond.
Bij de Tweede Kamer verkiezingen in 1901 versloeg hij de SDAP-leider Pieter Jelles Troelstra verpletterend in diens thuisdistrict Tietjerkstradeel. En eenmaal minister in het coalitiekabinet-Heemskerk bracht hij allerlei arbeidswetten tot stand. De arbeidsinspectie werd gemoderniseerd. Er kwamen Raden van Arbeid waarin voor het eerst ‘sociale partners’ samen werkten. De basis werd gelegd voor verzekeringswetten bij ziekte en arbeidsongeschiktheid. En op 9 december 1913 begon de eerste uitkering van ouderdomsrente van de staat voor pensioengerechtigde 70-plussers. Door het verzekerde pensioenstelsel zouden binnen korte tijd overal ‘rustoorden’ ontstaan voor ouderen die nu niet meer aangewezen waren op de armenhuizen.
Dit fundament onder ons sociale stelsel kwam er niet zonder slag of stoot. Talma had veel last van de behoudende aristocratische vleugels van de christelijke partijen. En van de oude Abraham Kuyper die grote moeite had met zoveel overheidsbemoeienis. Talma raakte geïsoleerd in zijn eigen kring. En zijn gezondheid brokkelde af. Twee jaar na zijn ministerschap overleed hij.
In Burgum staat een bronzen borstbeeld.

Categories: Uncategorized Tags:

Pseudo-Dionysius de Areopagiet – 5e eeuw na Christus, Syrië?

December 31st, 2016 Comments off

juist door het niet-zien en niet-kennen geraak je waarachtig in datgene wat het zien en het kennen te boven gaat

Als de vraag is welke theoloog de mooiste naam heeft dan staat deze man met stip op één. De zangerige naam is niet zijn echte. Volgens Handelingen 17 vers 34 sloot na de toespraken van de apostel Paulus in Athene ene Dionysius, actief op de Areopagus, zich bij de christenen aan. Volgens een oude overlevering zou hij daarna bisschop van Athene zijn geworden. In de vijfde eeuw verschuilde een christelijke theoloog-filosoof zich achter deze naam. Zijn geschriften duiken dan op in Syrië. In de eerste eeuwen van de christelijke jaartelling, toen bij ons de cultus van Wodan, Freya en Nehalennia nog eeuwen uitmaakte, was dit land een belangrijke leverancier van christelijke denkers en schrijvers. Het nu zo zwaar door terreur en oorlogsmisdaden geplaagde land herbergt nog steeds christenen.
De nep-Dionysius heeft zijn wijsheid wel duidelijk uit Athene gehaald. Hij moet bij Proclus gestudeerd hebben, een van de laatste grote filosofen in de traditie van het neo-platonisme. Zijn geschriften bewegen zich op het grensvlak van het Griekse speculatieve denken en het christelijk geloof. Hij schiep met zijn eigen bespiegelingen een mengvorm van beide en zo werden zijn boeken een belangrijke en gezaghebbende inspiratiebron voor de christelijke theologie tot ver voorbij de Middeleeuwen. Zijn boeken Over de hemelse hiërarchie, Over de kerkelijke hiërarchie, De goddelijke namen en Mystieke theologie en enkele brieven zijn veelvuldig overgeschreven en becommentarieerd, van oost tot west. Zijn gedachten over negen engelenkoren werden invloedrijk, net als die over de schoonheid van de aardse liturgie die de schoonheid van de hemelse liturgie weerspiegelt. Zowel de Orthodoxen als de Monofysieten (christenen die niet akkoord waren gegaan met leerbeslissingen over de twee naturen van Christus) erkenden hem als leermeester.
Pseudo-Dionysius wil de gedachten opvoeren tot aanschouwing van het ene goddelijke licht. Over God valt er wat hem betreft meer te zwijgen dan te spreken. Hij is Onbeschrijfelijk. Taal schiet te kort. Pseudo-Dionysius gebruikt ‘apofatische’ theologie: theologie waarbij je vooral ontkennende taal gebruikt. Door steeds een stap verder te gaan in het ontkennen wat of hoe God is, kom je net als Mozes op de Sinaï steeds dichter bij het Geheim.
Momenteel zien we een wijdverspreide behoefte om vooral ‘negatief’ te spreken over God en geloof. Academische theologen ontkennen publiekelijk het bestaan van een Almachtig goddelijk wezen. Bij deze oude Syriër was het ontkennen altijd de keerzijde van een bevestigend en positief spreken, van ‘katafatische’ theologie. De duisternis van het niet-weten komt bij hem voort uit verblinding door een overvloed van stromend goddelijk Licht. Hij schreef vanuit de verwondering dat zich vanuit het ontoegankelijk-goddelijke iets heel kostbaars aan de mens meedeelt.

(2016)