Plandemie? Het christelijk geloof is géén complottheorie!

Eye-opener?
Eind december 2020 wordt er in brievenbussen in heel Noord-Nederland een evangelisatieblad verspreid onder de naam ‘Eyeopener’. Het blad van ‘evangelist’ Jaap Dieleman uit Zeewolde waarschuwt ernstig voor de coronamaatregelen, de berichtgeving over corona en de druk om ons binnenkort te laten vaccineren. We zouden te maken hebben met een groot complot. De tegenmaatregelen zijn ernstiger dan de kwaal, de echte aantallen slachtoffers worden kunstmatig opgehoogd, ‘deze leugen wordt ons door de strot geduwd’, met behulp van ‘msm’, de afkorting voor mainstream media, die ronduit liegt. Het is allemaal een ‘plandemie’, een duivels plan van Deep State, ‘een complot uit de hel’. ‘Ze willen de hele wereld in hun macht krijgen en vaccineren’. We worden klaargestoomd voor de nieuwe wereldorde: één-wereld-regering met één-wereld-munt en één-wereld-religie, de wereldorde van satan en zijn vriendjes.
Volgens zijn website zijn er al meer dan 700.000 van deze bladen verspreid. Dieleman hoopt op nog ongeveer evenveel euro’s om het nieuws verder in Nederland te verspreiden.

Treurige demonisering
Jammer, verdrietig, schokkend, dat de Bijbel en het christelijk geloof op deze manier gebruikt wordt om in te spelen op gevoelens van onrust en onzekerheid. De ziekenhuizen liggen overvol, Groningen en Twente roepen om hulp van het leger, wereldwijd duiken er nieuwe varianten op van corona die nog besmettelijker zijn, en iedereen kent uit zijn of haar omgeving wel lichte besmettingen die nooit zijn gemeld bij een arts of andere instantie. Maar in plaats van te erkennen dat de echte cijfers dus eerder te laag zijn dan te hoog, neemt een evangelist een loopje met de feiten. In plaats van bewondering en medelijden op te brengen voor wie het zwaar hebben omdat ze ziek werden of vol gas moeten geven in de zorg, draagt hij bij aan de roekeloosheid (of probeert dat althans) door in feite alles en iedereen te demoniseren die de pandemie bestrijdt. Merkt hij dan niet dat juist het onvoorzichtige en ontkennende gedrag en van gelovigen uit bepaalde evangelische en reformatorische kringen veel verzet oproept tegen het christendom in het algemeen? Zijn we dan de mensonterende en hartverscheurende beelden uit Italië van maart jl vergeten?
En ja hoor, het fabeltje over Bill Gates die chips zou willen implanteren en die een patent zou hebben met het getal van het Beest uit Openbaring, het getal 666, wordt nog weer eens extra nieuw leven ingeblazen (maar patent 2020-060606 gaat niet over geïmplanteerde chips: https://fullfact.org/online/bill-gates-patent-microchips/).
Hoe is het toch mogelijk dat ook nu weer het christelijk geloof in het vat wordt gegoten van een complottheorie? Het zwaarste geschut wordt in stelling gebracht: de duivel is aan het werk! Deep State! Het scenario waar Paulus al over schreef wordt NU uitgevoerd! De hel op aarde! En het gaat voorlopig alleen maar erger worden!
Het zijn altijd weer dezelfde teksten die door zulke ‘christelijke’ doempredikers bij elkaar worden geknipt en geplakt. En je weet ook nooit helemaal of het ook de bedoeling is dat we dan iets aan de geschiedenis gaan proberen te veranderen. Want die geschiedenis moet uitlopen op de glorieuze wederkomst van de Heer. Dus het is kennelijk niet de bedoeling dat we het duivelse scenario verijdelen. Het enige wat te doen staat is bekering tot het geloof zodat je misschien bij die wederkomst een kans maakt.
En de enige plek waar de hand van God in de tijd dan nog wel in positieve zin opgemerkt zou kunnen worden is de staat Israël. In ditzelfde blad wordt nog vóór het coronaverhaal voorgerekend hoe hard God wel niet bezig is om profetieën uit de Bijbel in vervulling te laten gaan in Israël. Want kijk eens hoe sterk en machtig deze staat nu is! (Dat de ‘levende stenen die getuigen van de komst van de Heer’ ondertussen uit het land van de Bijbel worden verdrongen samen met hun islamitische volksgenoten is kennelijk ook iets waarin we Gods hand moeten zien).

Moeilijke tijden als uitdaging
Is er dan geen reden om bang en bezorgd te zijn over benauwde tijden die mogelijk gaan komen? Wie zal dat durven beweren? Maar het lastige is, dat we op deze manier dan voor tegengestelde dingen bang worden. De een voor het vaccineren, de ander juist voor al die mensen die zullen weigeren om zich te laten vaccineren. De een voor nog meer corona, de ander voor nog meer coronamaatregelen die hem zijn vrijheid benemen. De een voor meer samenwerking in Europa en de wereld om samen sterk te staan tegen grote bedreigingen, de ander juist voor al die mensen die hard gaan stemmen tegen Europa en tegen samenwerking in VN-verband. Anders gezegd: eigenlijk is zulk soort evangelisatie erg politiek. Een complot tegen redelijkheid, overleg, nuchterheid en ook geduld dat nu hard nodig is in onze samenleving.
De Kerk (kerken) de eeuwen door heeft/ hebben meestal een grotere terughoudendheid betracht als het ging om de eigen tijd te duiden. Apocalyptische teksten uit de Bijbel bleken meestal niet zo geschikt om grip te krijgen op gebeurtenissen. Rekensommen kwamen nooit uit. Oorlogen, natuurrampen, ze zijn er altijd wel ergens. Je kunt ze niet gebruiken om te weten hoe laat het is op Gods klok. Het christendom zag de geschiedenis namelijk vooral als een product van menselijk handelen. We zijn geen marionetten aan touwtjes van God of duivel. We zijn verantwoordelijke wezens. Geschapen naar Gods beeld en gelijkenis. En Kerstmis vertelt zelfs over Gods menswording. Over liefde die als kracht in de wereld (waar anders?) werkt als machtig antwoord op het kwaad dat er is: het leed van ziekte en rampen, het kwaad van zonde en schuld. En de Kerk viert Pinksteren als feest van de Geest van God die zelfs ‘uitgestort is op allen’ zodat niet-joden voortaan ook dragers van deze liefde konden worden.
Met de bril van dit Evangelie kijkend naar de wereld en de tijd van nu zie ik corona niet als een onderdeel van een duivels plan, maar als een nieuwe vorm van pech die ons overkomt, zoals vroeger cholera, TBC, de pest, de Spaanse griep. Een onaangenaam bijverschijnsel van het grote wonder van de natuur waarvan we deel uitmaken. Waar we een antwoord op kunnen vinden dankzij het verstand en de enorme kennis die we als mensheid hebben mogen ontwikkelen. Waarbij Liefde (compassie, menselijkheid, hoe je het wilt noemen) weer de kans krijgt om te laten zien hoe belangrijk zij is en hoe machtig zij is.

Maak de tekenen van Gods Koninkrijk niet verdacht!
En dan is het echt heel ernstig als de werken van deze Liefde verdacht gemaakt worden als onderdelen van een sinister complot: de eerlijke berichtgeving, de ijver om alle feiten en cijfers zo goed mogelijk boven tafel te krijgen, de inzet om zo snel mogelijk verantwoorde medicijnen en vaccins te ontwikkelen die miljoenen mensen leed kunnen besparen, de gezamenlijke moeite om noodzakelijke zorg zo goed mogelijk overeind te houden. In de evangeliën van de Bijbel is het genezen van zieken een van de belangrijkste tekenen van Jezus’ hemelse missie!
En dat is voorwaar geen kleinigheid: dat met een beroep op het Evangelie, de Bijbel, op het christelijk geloof, juist de ‘tekenen van Gods Koninkrijk’ worden verdacht gemaakt als werken der Duisternis! Dan kun je eigenlijk niet meer praten. Dan moet je protest aantekenen! Het gaat om mensenlevens. En niet in kleine getallen.

28/12/20 HJ

Kerstnachtdienst 2020 Centrumkerk Winsum liturgie

www.kerkomroep.nl

24 december 2020 Centrumkerk Winsum 21.00 u kerstnachtdienst m.m.v. Zilt
Organist Pieter Pilon
Muzikale medewerking door leden van Zilt en blokfluitisten o.l.v. Nellie Bolhuis
lector Tineke Dijkstra
voorganger ds. Harmen Jansen
Kerstmuziek vanaf 20.50 door organist Pieter Pilon

Welkom

zang: Lied 473 (er is een roos ontloken)

Gebed van het feest

Lofprijzing met Titus 2: 11-14

Glorialied: Lied 489 vers 1 en 2

Lezing uit het Oude Testament: Jesaja 8:23-9:6 , in een bewerking van Ton Honig (uit: Het hoogste woord, Bijbel voor kinderen):

Nooit meer bang in het donker
Geen oorlog die benauwt
Want licht straalt van Gods gezicht
over wie hem vertrouwt

Geen soldatenlaars stampt
In het Beloofde Land
Geen uniform met bloed besmeurd:
Een wonder is gebeurd.

De slavendrijver gebroken
Last van schouders afgenomen
Een vredesvuur ontstoken
Want er zal nooit…
Nooit meer oorlog komen

Zoon voor ons geboren,
Een goddelijk mensenkind
Goede raad voor onze oren
Een lieve ouder die ons vindt
Wanneer wij zijn verloren

Zang: Lied 476 vers 1, 3 en 4
Lezing uit het Nieuwe Testament: Johannes 1:14
Zang: Lied 488
Overdenking
Cantate Willkommen, süsser Bräutigam – Vincent Lübeck
Willkommen, süsser Brautigam,
du Konig aller Ehren!
Willkommen, Jesu, Gottes Lamm,
ich will dein Lob vermehren.
Ich will dir all mein Leben lang
von Herzen sagen Preis und Dank,
dass du, da wir verloren,
für uns als Mensch geboren.

Welkom, lieve bruidegom, U Koning van alle eer! Welkom, Jezus, Lam van God, ik wil uw lof vermeerderen. ik wil u heel mijn leven lang vanuit mijn hart lof en dank zeggen, dat u omdat we zijn verloren, voor ons als mens bent geboren

O groBes Werk, o Wundernacht,
dergleichen nie gefunden!
Du hast den Heiland hergebracht,
der alles überwunden,
du hast gebracht den starken Mann,
der Feu’r und Wolken zwingen kann,
für dem die Himmel zittern
und alle Berg erschüttern.

O groot werk, o Wondernacht, nooit eerder vertoond! U hebt de Heiland hier gebracht, die alles overwonnen heeft. U hebt gebracht de sterke man, die vuur en wolken bedwingen kan, voor wie de hemelen beven en alle bergen trillen.

O liebes Kind, o süsser Knab,
holdselig von Gebarden,
mein Bruder, den ich lieber hab,
als alle Schatz auf Erden,
komm, Schönster, in mein Herz hinein,
komm eiligst, lass die Krippen sein,
komm, komm, ich will beizeiten
dein Lager dir bereiten.

O lief kind, o vriendelijke knaap, met lieflijke gebaren, mijn broeder, die ik liever heb dan welke schatten op aarde, kom binnen, mooiste, in mijn hart, kom haastig! Laat de kribbe maar! Kom, kom, ik wil je tijdig een plek bieden.

Sag an, mein Herzens Bräutigam,
mein Hoffnung, Freud und Leben,
mein edler Zweig aus Jakobs Stamm,
was soil ich dir doch geben?
Ach! nimm von mir Leib, Seel und Geist,
ja alles, was Mensch ist und heisst,
ich will mich ganz verschreiben,
dir ewig treu zu bleiben.

Vertel me, mijn dierbare bruidegom, mijn hoop, vreugde en leven, mijn edele tak van Jacobs stam, wat moet ik je nog geven? Neem mijn lichaam, ziel en geest, ja alles wat menselijk is, ik wil U van harte beloven eeuwig trouw te blijven.

Lob, Preis und Dank, Herr Jesu Christ,
sei dir von mir gesungen,
dass du mein Bruder worden bist
und hast die Welt bezwungen.
Hilf, dass ich deine Süssigkeit
stets preis in dieser Gnadenzeit
und mög’ hernach dort oben
in Ewigkeit dich loben.

Lof en dank, Heer Jezus Christus, zij U door mij gezongen, omdat U mijn broeder geworden bent en de wereld hebt overwonnen. Help mij dat ik uw vriendelijkheid altijd prijs in deze genadetijd en dan daarna hierboven U in eeuwigheid mag loven.

Gebeden

Wegzending en zegen

Slotlied: lied 487 Eer zij God in onze dagen

Na afloop buiten: 22. 00 u precies:
Help mee een geluid van vrede en verbinding tot klinken te brengen!
Als kerken van Winsum (Gr.) willen we iedereen gaan uitnodigen om op de avond van 24 december om precies 22.00 uur mee te doen aan een ‘flashmob’. Ons voorstel is dat deelnemers dan buiten voor hun eigen woning gaan staan met een lichtje en luid ‘Komt allen tezamen’ zingen: lied 477 vers 1 en 4. Bespelers van een muziekinstrument mogen ook meedoen.
Na afloop roepen we elkaar ‘een gelukkig kerstfeest’ toe.

Balthasar Bekker

Zien gaat voor het horen

*20 maart 1634, Metslawier – † 11 juni 1698, Amsterdam

In 1696 kreeg de Amsterdamse ex-predikant bezoek van een rijke weduwe uit Thorn in Oost-Pruisen (nu Toruń, Polen). Ze was dankzij zijn boek De Betooverde Wereld op het nippertje aan een executie ontsnapt. Ze was wegens toverij ter dood veroordeeld. Maat toen had haar advocaat het boek in handen gekregen. Waarop hij revisie van het proces had aangevraagd en met behulp van allerlei voorbeelden uit het boek vrijspraak bewerkstelligd.

De angst voor satan was in de Middeleeuwen behoorlijk opgepookt door pauselijke bullen en handleidingen voor de Inquisitie. In Amsterdam bracht de Reformatie een einde aan heksenverbranding. Maar het is verbazingwekkend hoe lang daarna ook in ons land vrouwen nog op de heksenweegschaal werden gezet, gewurgd en verbrand. De Betooverde Wereld uit 1691 zorgde ervoor dat ds. Bekker uit zijn ambt gezet werd en van het Avondmaal geweerd.

De Gouden Eeuw was vol theologisch gekrakeel. Predikanten vochten elkaars opvattingen niet alleen in geschrifte aan, maar ook in procedures voor kerkenraden en provinciale synodes. De jarenlange vete tussen Voetianen en Coccejanen was net met een wapenstilstand beslecht toen Bekker met zijn bestrijding van allerlei uitingen van satansgeloof kwam. Je eigen verstand gebruiken, had hij thuis als domineeszoon al geleerd. Als jong predikant in Friesland viel hij op door de uitgave van catechisatieboekjes en het negeren van het kerkelijke verbod tot preken bij uitvaarten. In zijn boek Ondersoek van de betekening der Cometen ter bestrijding van wijd verspreid bijgeloof toonde hij zich een bekwaam sterrenkundige.

Bekker beredeneerde dat er geen geesten los van een lichaam konden bestaan. Daarnaast was door de kruisdood van Christus de macht van de duivel gebroken. Die zat nu in de hel vastgebonden. Bekker gebruikte naast elkaar redeneringen volgens de nieuwe wetenschappelijke methode van Descartes en argumenten uit de Bijbel. Critici hadden gelijk dat de argumentatie beter kon. Maar er was wel een trend mee gezet. En naast vermeende heksen hadden ook geesteszieken baat bij dit boek. Als pastor had Bekker langdurige gesprekken met geestesgestoorden gevoerd. Hij had veinzers van waanzin ontmaskerd. Bekker droeg er aan bij dat mensen in het dolhuis niet langer als bezetenen werden getreiterd, maar als patiënten werden behandeld. Jezus zelf had de bezetenen ook onder de zieken gerekend.

De stad Amsterdam bleef zijn traktement tot zijn dood doorbetalen. Het boek was een kassucces en werd in verschillende talen vertaald. En door geloof en wetenschap hand in hand te laten gaan zijn heksen en toverspreuken langzaam maar zeker verbannen naar sprookjes en jeugdboeken.

2020

Geert Grote


Een sober habijt, een eenvoudige gezichtsuitdrukking, een onschuldige levenswandel, een heilige omgang met anderen moeten voor de mensen een les zijn

*oktober 1340 – † 20 augustus 1384 Deventer

Geert Grote was tegen het voltooien van de Utrechtse Domtoren. Zijn bezwaarschrift kwam een halve eeuw geleden boven water. Het is maar in enkele handschriften bewaard gebleven. Had hij het wel publiek gemaakt? Hij kon de bisschop van Utrecht niet teveel tegen zich in het harnas jagen. Hij was diaken met preekbevoegdheid in het uitgestrekte bisdom. Zijn preken hadden succes, maar riepen ook tegenstand op. In 1383 leidde dat zelfs tot een preekverbod voor diakenen.

Wel duizenden malen gekopieerd is zijn Getijdenboek. Een brevier: een bundeling van teksten voor de dagelijkse gebeden van religieuzen. Door een eigen brevier konden leken hun gebedsleven aanpassen aan dat van de kerk. In de tijd van Grote werd de behoefte daaraan in brede lagen van de Europese bevolking steeds groter. Het nieuwe was dat Grote de gebeden vertaalde uit de kerktaal in de volkstaal. En hij zette er een persoonlijk stempel op door de toevoeging van gebeden van de Duitse mysticus Henricus Suso (1295-1366).

Het Getijdenboek was een resultaat van dat preekverbod. Grote wachtte op een pauselijk antwoord op zijn verzoek om toelating tot het priesterambt. Ondertussen vertaalde hij gebeden, psalmen en mystieke geschriften. Ook schreef hij pastorale brieven. Hij was de grote initiator van de Moderne Devotie. Zijn Deventer woning had hij beschikbaar gesteld voor de eerste zustergemeenschap.

Grote had als rijke zoon van een burgemeester van deze Hanzestad kunnen studeren in Parijs. Als kerkjurist genoot hij inkomsten uit de Domkapittels van Utrecht en in Aken. Tot in 1372 bij een ernstige ziekte een priester hem de biecht en de absolutie weigerde. Hij moest eerst zijn boeken over ‘zwarte kunst’ (astrologie) verbranden. Hij was daarna een tijd kluizenaar bij de Karthuizers in Arnhem, tot hij werd geroepen tot het predikambt. Voor dat vak haalde hij boeken in Parijs. Onderweg bezocht hij onder meer de mysticus Jan van Ruusbroec.

De Moderne Devotie was wel iets meer dan een protestbeweging tegen mooie kerktorens, tegen liefdesrelaties van pastoors en tegen andere strelingen van de zintuigen, met op de achtergrond de altijd dreigende pest. De Moderne Devotie liet burgers werken aan hun ziel door gebed en discipline, met het Getijdenboek als zelfhulpboek voor spirituele gezondheid.

Opvallend detail: het opent met een heiligenkalender. Om reliëf aan te brengen in de dagen die het leven aaneenrijgt. Voor elke dag een andere gids van boven!

2020

Pater Damiaan

Nochtans maak ik me leproos met de leprozen, wanneer ik preek spreek ik hen toe als ‘Wij melaatsen’

*3 januari 1840, Ninde (B.) – † 15 april 1889, Molokai (Hawaiï)

Er was voor de zeer besmettelijke ziekte lepra tot ver in de twintigste eeuw geen medicijn. Als quarantainemaatregel werden de leprozen vaak voor de rest van hun leven in een aparte kolonie gehuisvest. Een ervan was het schiereiland Molokai op Hawaï.

Damiaan de Veuster was het zevende kind uit een Vlaams boerengezin. Zeven jaar oud verloor hij een zus aan cholera. Als zestienjarige ging hij het klooster in. Hij werd pater van de Congregatie van de Heilige Harten van Jezus en Maria. Na zijn studie kreeg Damiaan toestemming om als missionaris te gaan werken op de Hawaï-eilanden. Hij vervulde daarmee de droom van zijn broer die tyfus had gekregen en niet kon gaan.

In 1864 kwam hij aan in dit ‘verdorven, heidens en afgodisch land.’ Na arbeid als rondreizend missionaris en parochiepriester stelde hij zich in 1873 beschikbaar voor de leprozen van Molokai. Hij kende de risico’s, maar ze hadden God nodig. De kolonie telde 700 tot 1000 melaatsen. Ze leden niet alleen lichamelijk. Damiaan zag extreme dronkenschap, immoreel gedrag, misbruik en grote wanhoop. Ze kregen voedsel en andere voorzieningen, maar geen medische hulp. Behalve priester met soms elke dag een begrafenis werd Damiaan ook dokter, ziekenverzorger, begrafenisondernemer, timmerman van 600 doodskisten. Hij stelde begrafenisverzekeringen in. Wetten werden weer nageleefd. Er kwamen degelijke huizen, dorpen, een school, een bloeiende parochie. Een van zijn smeekbrieven haalde de Britse pers. Vanuit het buitenland kwamen geld, medicijnen en kledij, vaak van protestanten.

Kerkdiensten opende pater Damiaan met de woorden ‘Mijn dierbare broeders en zusters’. Op een morgen in 1885 moest hij zeggen: ‘Mijn collega melaatsen, ik ben één van u.’ Hij overleed vier jaar later. Zijn indrukwekkende antwoord op de vraag naar Gods aanwezigheid in schrikbarend lijden was verbinding en eenwording met hen. In zijn brieven schreef hij vaak dat hij tevreden en gelukkig was tussen zijn melaatsen.

Er werd wel gedacht dat lepra het gevolg was van ontucht. Ook Damiaan is tijdens zijn leven nog aan vernederende onderzoeken onderworpen. Maar na zijn dood is hij op allerlei voetstukken gezet: standbeelden, een zalig- en heiligverklaring, plechtige herbegrafenis en verkiezing tot grootste Belg.

Bestrijding van het ‘eenzaamheidsvirus’ is ook nu soms riskant werk. Applaus voor allen die ondanks besmettingsgevaar het noodzakelijke doen!

(maart 2020)

Friedrich Christian Carl von Bodelschwingh

We kunnen helpen om plekken te scheppen waar het lichtschijnsel van de hoop het donker van de aarde binnen valt

*6 maart 1831, Tecklenburg – † 2 april 1910, Bielefeld-Bethel

De naam Von Bodelschwingh is onlosmakelijk verbonden geraakt met de zorg voor epileptici als belangrijk onderdeel van ‘Inwendige Zending’. Zijn werk werd een stimulerend voorbeeld voor de gehandicaptenzorg als onderdeel van de protestantse diaconale arbeid ook elders.
Friedrich sr. kwam uit een vooraanstaande Westfaalse familie. Zijn vader was minister geweest en zelf was hij speelkameraad van de latere keizer Frederik III. Hij wilde mijnbouw studeren, maar het werd een hogere landbouwopleiding. Als opzichter zag hij vervolgens de armoede van de landarbeiders. Hij voelde daardoor roeping voor missionair werk. Zijn ouders vonden dat hij dan eerst theologie moest studeren. Na afronding van zijn predikantsopleiding werd hij voorganger van een Duitse gemeente in Parijs, waar veel Duitse arbeiders werkzaam waren. Hij stichtte er een kerk en een school. In 1872 volgde zijn benoeming als hoofd van de protestantse stichting ‘Bethel’ in Bielefeld die sinds 1867 epileptici huisvestte. Onder zijn leiding werd het werk enorm uitgebreid. Het ging ook allerlei andere handicaps omvatten. ‘Bethel’ werd de grootste diaconale onderneming in Europa.
Von Bodelschwingh stichtte ook een spaarbank om de armen te helpen huiseigenaar te worden, en een vakantiekolonie op het eiland Amrum. Zijn kwaliteiten als geldwerver bezorgden hem de bijnaam ‘de meest succesvolle bedelaar van Duitsland ooit’. Hij sloeg graag nieuwe wegen in en had al in 1886 een telefoon. Een belangrijke noviteit was de kledinginzameling die hij op touw zette. Niet alleen konden de gegoede burgers zo hun afdankertjes een tweede leven bezorgen en zichzelf een goed gevoel, de armen kregen zo werk in het inzamelen, herstellen en verkopen van tweedehands spullen. Zulke ‘Brockensammlung’ heeft met de verspilling van de moderne consumptiemaatschappij en de druk op het milieu alleen maar aan belang gewonnen.
Zijn zoon Friedrich, ‘Fritz’, kreeg na hem de leiding over ‘Bethel’. Uit respect voor zijn ouders gaf hij weeskinderen waarvan de geboortedag niet bekend was als verjaardagsdatum 6 maart voor de jongens en 20 februari voor de meisjes. Fritz kreeg te maken met de nazipolitiek van gedwongen sterilisatie en ‘euthanasie’ op ‘onwaardige’ levens. Hij weigerde zijn bewoners uit te leveren en wist mede dankzij zijn internationale reputatie het uitroeien van ‘Bethel’ te voorkomen. De Bethel-stichting helpt nog altijd meer dan 14.000 mensen.

2020

Koos Koster

soms
in een onbewaakt ogenblik
zou ik willen protesteren
de straat opgaan
zeggen waar het op staat

*9 januari 1936, St. Annaparochie – † 17 maart 1982, El Salvador

Journalist Koos Koster werd met zijn team doodgeschoten door het kolonelsregime, terwijl ze een reportage maakten over de aanloop naar verkiezingen in El Salvador.
Koster deed niet aan neutrale berichtgeving. Zijn boeken, verslagen en documentaires voor de IKON waren geëngageerd en confronterend. Hij moest onrecht aan de kaak stellen. Bisschop Oscar Romero in El Savador had eens tegen hem gezegd: ‘Jullie hebben een heilig beroep, jullie moeten de waarheid vertellen.’
Koster was een van de twaalf kinderen van ds. Sam Koster, Zeeuw in Friesland. Een traumatische ervaring was dat hij als kind zijn vader had zien vertrekken. Hij had vader wel geholpen met liederen zoeken bij de preek. Het gezin moest de pastorie uit.
Als theologiestudent in Kampen tekende hij eind jaren ‘50 protest aan tegen de ‘steriele’ theologie aan de academie. Het werd tijd om maatschappelijke vragen als rassendiscriminatie en politiek en economisch kolonialisme te bespreken. Na zijn studie werd hij vicaris van de Nederlandse Oecumenische Gemeente in Berlijn onder leiding van ds. Bé Ruys, bekend om haar sympathie voor de DDR. De Stasi-informant die Koster schaduwde berichtte dat ‘Kos’ oprecht was in zijn geloof. Koster schreef over de DDR. En journalistiek kreeg steeds meer zijn interesse.
De Russische inval in Praag in ’68 bracht een scheuring teweeg onder christensocialisten. De DDR werd verboden gebied voor Koster. Hij verwachtte meer positiefs van de bevrijdingsbewegingen tegen de kolonelregimes in Latijns-Amerika. Na een scriptie over de bevrijdingstheologie vond hij daar werk als journalist.
Bij de staatsgreep in Chili in 1973 werd hij direct gearresteerd. Hij was getuige van moorden en martelingen van journalisten om hem heen. Dankzij ingrijpen van de regering-den Uyl ontsnapte hij met zijn vriendin aan de dood. Maar de nachtmerries namen wel toe.
Na de moord op bisschop Romero in 1980 maakte Koster een heftige documentaire over ‘het gekruisigte volk’ van El Salvador. Comité’s van Dwaze Moeders stond hij ook met raad en daad bij. ‘Nood breekt wet, soms moet verslaglegging en hulp gecombineerd worden.’ Ondanks aanvaringen over zijn steun aan gewapend verzet kreeg hij in 1982 toch het vertrouwen voor een documentaire. Als geldkoerier voor de Wilde Ganzen, de inzamelingsactie van de IKON, had hij bij zijn dood 30.000 gulden bij zich.
We lezen in deze weken het Exodusverhaal. Onderdrukking blijft verslaggevers nodig hebben die ons wakker houden.

maart 2020