Archive

Posts Tagged ‘kerkgeschiedenis’

Corrie ten Boom – *15 april 1892, Amsterdam – † 15 april 1983, Placentia (VS)

November 12th, 2018 Comments off

Er is voor Jezus geen duisternis te groot, of Zijn licht kan die verdrijven

Zulke dingen zei Corrie ten Boom rechtstreeks op de man of de vrouw af, zo gauw ze vermoedde dat iemand niet erg positief in het leven stond. Het maakte haar niet uit of het een Gestapo-officier was, een wrede kampbewaakster of een medegevangene uit de afdeling ‘gewone’ criminelen.
De vriendelijke Haarlemse werd wereldberoemd. Haar biografie en haar boeken werden internationale bestsellers, helemaal toen ´De Schuilplaats´ ook werd verfilmd. De horloge- en klokkenzaak in de Barteljorisstraat in Haarlem, waar ze met haar vader en zuster woonde en onderduikers herbergde, werd een waar bedevaartsoord. Honderdduizenden zagen er sinds de opening in 1988 de ‘engelenbak’, zoals de slaapplaats achter een dubbele muur door het gezin ten Boom genoemd werd.
Het gezin was orthodox hervormd. Vader Casper was in heel Haarlem bekend en geliefd. Corrie was in 1924 de eerste gediplomeerde vrouwelijke horlogemaker in Nederland. Net als zus Betsie bleef ze thuis wonen en in de zaak meewerken. De familie had veel ervaring met pleegkinderen. Corrie begon een meisjesclub met muziek, gym en bijbelles. Tijdens de bezetting verborgen ze Joodse vluchtelingen. Op verraad volgden arrestatie en gevangenschap. Vader bezweek al snel, Betsie en Corrie kwamen via kamp Vught in vrouwenkamp Ravensbrück terecht. Ze maakten er de bekende ontberingen mee. Veel te volle barakken, wrede behandeling, ondervoeding, akelige ziekte, harde arbeid. Waar en wanneer maar mogelijk preekte Corrie er. ‘Gevangene en toch…’ is haar vlot geschreven, bewogen verslag. Het lijkt of ze in elke situatie direct een Bijbeltekst paraat had, zo gedreven was ze om te getuigen van de liefde van Christus voor ieder mens en van de kracht ervan. Ze wist ook werkelijk tot stugge en vijandige mensen door te dringen. Al direct bij de eerste officier die haar ondervroeg wist ze het gesprek om te buigen tot een pastorale ontmoeting. Het verhaal blijft geloofwaardig omdat het ook volstrekt eerlijk is over haar ontzetting over de wreedheden en haar angsten.
Betsie stierf in het kamp, Corrie kwam dankzij een administratieve fout eind 1944 vrij. Na de oorlog stortte zij zich volledig op evangelisatiewerk. Ze trad op in meer dan zestig landen. Het evangelie van vergeving daagde ook haarzelf uit. Kon ze Jan Vogel vergeven, de man die haar familie had verraden? Ze stuurde hem een brief en een Nieuw Testament waarin ze de ‘weg tot behoud’ had onderstreept. Kort voor zijn executie heeft de man zich nog bekeerd.
Haar laatste levensjaren bracht ze door in Californië.

Hugo de Groot – *10 april 1583, Delft – † 28 augustus 1645, Rostock

November 12th, 2018 Comments off

Waar de rechtspraak te kort schiet, begint het geweld

Op wel vier plaatsen staat een boekenkist waarmee Hugo de Groot ontsnapt zou zijn uit Slot Loevestein. De grote Nederlandse rechtsgeleerde had in 1618 levenslang gekregen omdat hij remonstrant was en medestander van Johan van Oldebarneveldt in het conflict met prins Maurits over de politiek van de Staten van Holland.
De Groot geldt als de grondlegger van het internationale zeerecht en van het volkerenrecht. Dat hij de vrije toegankelijkheid van de oceanen verdedigde had wel een dubieuze achtergrond. Hollanders hadden een rijk beladen Portugese koopvaarder buitgemaakt en dat moest worden gerechtvaardigd. Zijn belangrijkste werk was hij in Loevestein begonnen te schrijven: Het recht van oorlog en vrede. Het geeft vijf bepalingen over een rechtvaardige oorlog die nog steeds internationale rechtskracht hebben. Nieuw was zijn redeneren vanuit het natuurrecht. Je moet de regels over de beste manier van samenleven beredeneren ‘alsof God niet bestaat’, dan zijn ze voor iedereen overtuigend. Gaf hij zo ook de Republiek een steuntje in de rug in de oorlog met Spanje?
Hij was afkomstig uit belangrijke families die al eeuwen de dienst uitmaakten in steden als Delft. In een van zijn historische werken verheerlijkt hij de Batavieren. Maar ‘het Delfts orakel’ was vooral een wonderkind dat van jongs wilde uitblinken met slimme boeken, een geleerde in de geest van Erasmus.
Na zijn ontsnapping in 1621 kwam hij in Zweedse overheidsdienst. Heel diplomatiek was hij niet. Wel een groot schrijver. Hij leverde vertalingen van Griekse poëzie in Latijn. Zijn eigen theaterstukken over Adam en Jozef in ballingschap werden door Vondel bewerkt in het Nederlands. Hij schreef ook theologisch werk. Zijn Bewijs van den waren godsdienst uit 1622 werd eeuwenlang in veel talen gedrukt en gelezen. Het boek op rijm was bedoeld als ruggesteun voor zeelieden die in contact kwamen met andersgelovigen en ongelovigen. Het christelijk geloof is waar volgens De Groot omdat het gebaseerd is op het onweerlegbare feit van de opstanding van Christus. Hij werd ook voorloper van de moderne bijbelwetenschap. In een paar dikke delen met aantekeningen bij de Bijbel benadert hij als een van de eersten de Bijbel als menselijke literatuur. Kennis van de oudheid moet licht werpen op de bedoelingen van de auteurs.
De Groot bepleitte steeds de maximalisering van het vreedzaam samenleven van verschillende godsdienstige stromingen in één land en van de verschillende volkeren op de wereld. Hij bestreed dat de paus de antichrist was en hij vond dat christenen hun dogmatische verschillen moesten relativeren en stoppen met kerkscheuringen. Als dat typisch Hollands is dan is het niet verkeerd om Hollander te zijn.

(2018)

Liudger – *742, Zuilen – † 26 maart 809, Billerbeck

November 12th, 2018 Comments off

We gaan de eeuwige vreugde van de Heer binnen als we in onze levensdagen met vaste hoop de vermaningen van onze geestelijke vaders opvolgen en als God zelf steeds de belangrijkste grond van onze vreugde is

Was de bard Bernlef echt blind toen hij door Liudgers handoplegging genas, zich bekeerde en zijn evangelist werd? Misschien moeten we die blindheid zoals in veel heiligenlevens symbolisch zien. Liudger staat te boek als onze eerste eigen missionaris en eerste Friese heilige. Scholen en parochies dragen zijn naam. Hier stichtte hij mogelijk de eerste kerken. Het gebied ten oosten van de Lauwers was niet Liudgers eerste missiegebied. Daarvoor was hij werkzaam geweest onder de Friezen tussen Stavoren en Dokkum. Maar beide keren werd hij na een opstand weer verdreven. Hij behoorde tot de Friese elite die nauw verbonden was met de Frankische vorsten. Kerstening en onderwerping aan het Frankische rijk gingen nauw samen. Karel de Grote had Liudger persoonlijk benoemd tot leider van de missie in de vijf gouwen ten oosten van de Lauwers en later tot eerste bisschop van Munster. Zodoende was Liudger nauw betrokken bij de opsplitsing van het voormalige Friese rijk en de verdeling over verschillende bisdommen: verdeel-en-heers!
Liudgers ouders Thiadgrim en Liafburg kwamen uit families die al in de tijd van Willibrord waren gekerstend. In zijn jeugd maakte de moord van Bonifatius bij Dokkum indruk. Hij volgde toen al onderwijs op de pas gestichte abdijschool van Gregorius in Utrecht, leerling en medewerker van Bonifatius. Vervolgopleiding kreeg hij in het Britse York. Zijn eerste opdracht als priester betrof het herstel van de kerk van Lebuïnus in Deventer. Na de eerste teleurstelling met de Friezen was hij naar de paus en het klooster Monte Cassino vertrokken. Toen Karel hem daar weghaalde voor missiewerk in de pas veroverde gebieden nam Liudger behalve boeken ook relikwieën mee. Zijn werk onder de Saksen met kloosterstichtingen in het Westfaalse Werden en Munster was succesvoller dan in het hoge noorden. Allerlei familieleden profiteerden mee met hoge kerkelijke posten.
Zijn enige overgeleverde geschrift is een levensbeschrijving van zijn leermeester Gregorius. De tekst in het Latijn volgt het gangbare patroon van heiligenlevens. Liudger staat vooral te boek als een man van studie en onderwijs. Je proeft mooi dat hij geschoold is in de Bijbel en in de spiritualiteit van de christelijke traditie. Zonder opsmuk met mirakelverhalen getuigt hij van dankbaarheid en bewondering voor Gregorius en Bonifatius. Hij tekent Gregorius als een oprecht gelovige abt met vaderlijke zorg voor de toevertrouwde leerlingen en een bewonderenswaardige vergevingsgezindheid, zonder gehechtheid aan goud en bezit maar wel vol bekommernis voor de armen. De oudst bewaarde tekst van een geboren Fries gaat zo over waarden die er nog altijd toe doen! Je bent blind als je het niet ziet.

(2018)

Paul Gerhardt – *12 maart 1607, Gräfenhainichen – † 27 mei 1676, Lübben

October 25th, 2018 Comments off

die wolken, lucht en winden wijst spoor en loop en baan, zal ook wel wegen vinden waarlangs uw voet kan gaan

Wie Berlijn bezoekt moet ook even langs de Nikolaïkerk gaan, in een klein stukje heropgebouwde oude stad in het centrum. Hier was Paul Gerhardt predikant en werkten de muzikanten Johann Crüger en Johann Georg Ebeling die van zijn gedichten liederen hebben gemaakt. Ze staan met stip bovenaan de ranglijst van protestantse kerkliederen. Beveel gerust uw wegen, O Hoofd vol bloed en wonden en Hoe zal ik u ontvangen bijvoorbeeld. Bonhoeffer putte er kracht uit in zijn gevangeniscel. Voor veel Duitsers horen ze nog steeds tot hun bagage. Een Duitse postzegel toonde ooit zelfs de eerste regel van Befiehl Du deine Wege. En in ons Liedboek van 1973 stonden er wel dertien van zijn hand, mooi vertaald en trefzeker ingekort. Het Liedboek van 2004 heeft er twaalf. Bachs Passies droegen stevig bij aan die bekendheid. Ook veel Bachkoralen  in de cantate’s zijn eigenlijk Gerhardtliederen.
Gerhardt was overigens maar tien jaar predikant in deze kerk, van 1657 tot 1667. Hij had theologie gestudeerd in Wittenberg en was daarna eerst hulpprediker in Berlijn, huisleraar en vanaf 1651 predikant in Mittenwalde ten zuiden van Berlijn. Zijn roem als lieddichter was al gevestigd in 1647 door de eerste opname van liederen in het gezangboek: Praxis pietatis melica. De titel laat horen dat het piëtisme in opkomst was: nieuwe vroomheid. Maar Gerhardt was vooral luthers orthodox. En zelfs heel steil. Hij weigerde mee te werken aan de ondertekening van een document van de keurvorst dat calvinisten gelijke rechten gaf als lutheranen. Het leverde hem een schorsing op. Onder druk van burgers en kerkleiding herstelde de keurvorst hem wel weer in zijn rechten, maar Gerhardt voelde zich toch teveel onder druk staan en vertrok naar Lübben. En zijn vrouw overleed. Er kwamen geen liederen meer uit zijn pen. Het was overigens mede door de komst van veel Hollandse bouwvakkers dat het calvinisme toenam.
In 1667 waren er 120 liederen gedrukt. Waarin hun kracht ligt? De combinatie van eenvoud, poëzie, goede zingbaarheid, Bijbelse taal, spiritualiteit dichtbij die van de Psalmen, herkenbare emoties, liturgische bruikbaarheid. O Hoofd vol bloed en wonden is een bewerking van een oud Latijns gedicht in de traditie van het gedenken van Christus’ lijden. Beveel gerust uw wegen borduurt voort op Psalm 25, veel gebruikt in de liturgie. En Is God de Heer maar voor mij, wat zou mij tegen zijn? is de boodschap van Paulus toepasselijk samengevat.

Martin Niemöller – *14 januari 1892, Lippstadt – † 6 maart 1984, Wiesbaden

October 25th, 2018 Comments off

Wat zou Jezus doen?

Dahlem is een deel van Berlijn. Bij de oude dorpskerk met nabij gelegen pastorie en zalencentrum en lommerrijke lanen met oude villa’s kun je nog de sfeer proeven van de jaren ’30. Hier was Niemöller was er een van de predikanten en een van de belangrijkste leiders van de Bekennende Kirche. De leiding vergaderde vaak in Dahlem. Tot 1937 heeft hij er zijn kritische preken houden. Er zaten soms zowel joden-met-ster als Gestapo-leden onder zijn gehoor.
Niemöller was in de Eerste Wereldoorlog kapitein van een onderzeeboot geweest. Bijna had hij toen, bleek later, een boot met Albert Schweitzer getorpedeerd. Zijn boek over de weg van U-boot naar kansel was een bestseller. Zijn doortastendheid maakte hem geknipt voor de rol als tegenspeler van Hitler toen die onmiddellijk na de machtsovername van 1933 de kerken probeerde te nazificeren. Niemöller was aanvankelijk wel gecharmeerd van de nationaal-socialisten. Hij verlangde ook naar sterk leiderschap dat geestelijke eenheid zou brengen in het verarmde en verdeelde Duitsland. Bij de verkiezingen op zondag 5 maart 1933 had hij NSDAP gestemd. Maar al snel bleek dat trouw aan het kruis en trouw aan het hakenkruis op gespannen voet stonden.
Bij een ontmoeting van een kerkelijke delegatie met Hitler in 1934 ontdekte Niemöller dat zijn telefoon was afgeluisterd. De twee hadden een woordenwisseling van een uur. Hitler beet hem toe dat hij de zorg voor het Derde Rijk maar aan hem moest overlaten, zorgde hij maar liever voor zijn kerk. Niemöller antwoordde dat geen enkele instantie in de wereld de verantwoordelijkheid van christenen voor hun volk kon afnemen. Maar de oppositie werd monddood gemaakt. Niemöller zat acht jaar gevangen in Sachsenhausen en Dachau. Die ene protestantse rijkskerk kwam er overigens ook niet.
In 1945 werd Niemöller onderwerp van een Hollywood-speelfilm. Maar ook na de bevrijding was hij niet onomstreden. Hij ging voorop in het uitspreken van een kerkelijke schuldbelijdenis – de verklaring van Stuttgart – om te zorgen dat het land weer in de internationale gemeenschap mocht meedoen. Maar bij de eerste verkiezingen voor de Bondsdag ging hij niet stemmen. ‘Het geweten van de natie’ was tegen de opdeling van Duitsland en werd pacifist, fel gekant tegen de herbewapening van Duitsland, de Koude Oorlog, de kernwapens, de Vietnam-oorlog. En hij onderhield contacten met notoire communisten. Altijd in verzet tegen ‘corruptie’ van het christendom.

Categories: Uncategorized Tags:

Polycarpus van Smyrna – rond 80 – 167/168, Smyrna

October 24th, 2018 Comments off

Als u goed kunt doen, stel het dan niet uit want de aalmoes bevrijdt van de dood

In het enige briefje dat van Polycarpus bewaard gebleven is, valt wel zes keer het woord geldzucht. Het is gericht aan de Filippenzen, ergens in de eerste helft van de tweede eeuw. De aanleiding lijkt dan ook een geldkwestie te zijn. Is Valens als oudste van de gemeente misschien afgezet omdat hij van zijn positie misbruik gemaakt heeft? Het zal niet de laatste keer zijn dat iemand een greep in de kerkelijke kas doet voor eigen gewin. Polycarpus vindt dat de deur voor Valens open moet blijven als de Heer hem berouw schenkt. Maar geld moet naar armen rollen.
Polycarpus was bisschop van Smyrna, het huidige Izmir in Turkije. Hij behoort tot de apostolische vaders, de christelijke auteurs uit de eerste eeuw na de apostelen. Over zijn levensloop is weinig bekend. Maar op mijn Lagere School met den Bijbel moet ik al over hem hebben gehoord. Naast bijbelse geschiedenis kregen we heel soms ook een verhaal uit de kerkgeschiedenis. Polycarpus’ verhaal was spectaculair want hij werd als oude bisschop nog tot de leeuwen veroordeeld, puur om zijn geloof, zonder verzet te bieden. Een held!
Vanaf keizer Nero kregen christenen in het Romeinse Rijk soms te maken met vervolging. Ze gaven ergernis met hun afwijkend ‘asociaal’ gedrag. En dan weigerden ze ook nog eens obstinaat om de keizer Heer te noemen, Christus te vervloeken en publiekelijk ‘weg met de goddelozen’ te roepen. Het bijzondere aan het martelaarschap van Polycarpus is dat dit de eerste christelijke martelaarsacte opleverde: een officieel schrijven van zijn gemeente aan andere christenen met het verslag van de marteldood. Het verhaal wordt zo verteld dat het lijkt op de dood van Christus. Er speelt een Herodes een rol, er is verraad in het spel, hij wordt gearresteerd alsof het om een rover gaat. Omdat er geen leeuwen beschikbaar zijn wordt hij verbrand, maar het vuur krijgt geen vat op hem, hij blijft gespaard als was hij een engel. Tenslotte wordt hij met het zwaard gedood. Hij is dan ’al 86 jaar christen’. Datum: 23 februari.
Verder is over hem bekend dat hij in Rome geweest is om daar te pleiten voor het vasthouden aan de gewoonte in Klein-Azië om Pasen altijd te vieren op dezelfde dag als het joodse paasfeest, de 14de Nisan. Tevergeefs. De kerk groeide van het jodendom weg.
‘Martelaar’ komt van ‘martys’: een getuige. Gelukkig is de kerk altijd ook het onbloedige getuigenis blijven waarderen.

(2018)

Categories: Uncategorized Tags:

Franciscus Gomarus – *30 januari 1563, Brugge – † 11 januari 1641, Groningen

October 24th, 2018 Comments off

Sommige dingen bewerkt God alleen, andere laat hij toe om ze ten goede te keren

Als je vuile ramen hebt moet je de zon niet de schuld geven van weinig lichtinval. Maar als de kleuren van het bovenraam helder op je tapijt worden geprojecteerd, komt dat dan door je trouw ramen zemen? Of heb je die trouw misschien ook te danken aan de zon die jou verleidt om haar licht maximaal te laten schijnen?
Gomarus was de belangrijkste theoloog van de contraremonstranten. En de roemruchte Synode van Dordrecht van 1618-1619 bepaalde dat de visie van de contraremonstranten leidend zou zijn voor de ‘vaderlandse kerk’. Tijdens de eerste decennia van de Republiek der Nederlanden nam het theologisch debat een hoge vlucht. Tot in de finesses werd de leer van de rechtvaardiging door het geloof, uitverkiezing en voorbeschikking scherp geslepen. Het standpunt dat het meest de eer gaf aan de zon van Gods soevereiniteit won het.
Dit calvinisme had vanuit het zuiden ons land veroverd. François Gomaer was een Vlaming, zoon van een waard. Hij studeerde zoals studenten al eeuwen deden op diverse plaatsen: Straatsburg, Cambridge, Oxford, Heidelberg. Als predikant van de vluchtelingen in Frankfurt a.d. Main moest hij vertrekken toen lutherse predikanten de calvinisten in het nauw dreven. De jonge universiteit in Leiden wilde hem wel hebben. Maar hij kwam er rond de eeuwwisseling in conflict met zijn collega Arminius. Uit onvrede over het benoemingsbeleid vertrok hij naar Middelburg en later naar het Franse Saumur, centrum van protestantse theologie. Vanaf 1618 tot aan zijn dood was hij hoogleraar aan de nagelnieuwe universiteit in Groningen. Net als zijn derde vrouw is hij er begraven in het koor van de Martinikerk.
Stedelijke regenten van de Amsterdamse grachten zijn andere mensen dan Vlamingen die vervolging achter de rug hebben. Dit verschil speelde mee in het grote religieuze conflict dat tijdens het Twaalfjarig Bestand werd uitgevochten.
Lang niet over alle theologische geschilpunten werden in Dordrecht knopen doorgehakt. Zo schaarde Gomarus zich bij de supralapsaristen, de Bovenvaldrijvers. Maar de synode hield ook de Benedenvaldrijvers de hand boven het hoofd. En Gomarus voegde zich. Hij was wel vurig maar niet compromisloos en onverzoenlijk.
Zijn tijd in Groningen werd deels opgeslokt door het vertaalwerk voor de Statenvertaling. Hij had als revisor een groot aandeel in het Oude Testament. Hij was een groot kenner van het Hebreeuws, het Aramees en het Syrisch en verdiepte zich in de joodse Talmoed.
De laatste studie over Gomarus is van een Zuid-Koreaan. Nederlands calvinisme is een succesvol exportproduct.

(2018)

Sebastiaan – *Narbonne – † rond 288, Rome

October 24th, 2018 Comments off

Draag bovenal het schild van het geloof waarmee u alle pijlen van hem die het kwaad zelf is kunt doven (Efeziërs 6: 16)

Details over het martelaarschap van Sebastiaan duiken pas voor het eerst op in een preek van kerkvader Ambrosius van Milaan. Dat is in de vierde eeuw. Sebastiaan wordt dan in Milaan vereerd als martelaar. Hij zou er zijn opgegroeid. Hij werd slachtoffer van keizer Diocletianus, een berucht christenvervolger in de derde eeuw. Sebastiaan was bevelhebber van de keizerlijke garde en christen in het geheim. Wel zou hij bij bezoeken aan de gevangenis menigeen tot geloof gebracht hebben. Zijn geloofsovertuiging kwam uit. Sebastiaan moest als straf schietschijf zijn voor boogschutters. Toen de weduwe Irene het met pijlen doorzeefde lijf wilde begraven bleek hij nog te leven. Ze verpleegde hem en hij knapte weer op. En zo werd op een dag de keizer in zijn paleis door een man aangesproken over zijn wreedheden jegens christenen. De verbouwereerde keizer herkende de dood gewaande Sebastiaan. Vervolgens liet hij hem alsnog neerknuppelen.
Hij is in de loop der eeuwen een belangrijke heilige geworden. Altaren voor hem deden wonderen. Hij gold als beschermheilige tegen de ‘pijlen’ van de pest. Veel kerken, steden en kinderen kregen zijn naam. Zijn bekendheid nam vooral na het jaar 1000 een hoge vlucht. Dat kwam omdat hij steeds meer werd afgebeeld met pijlen in zijn lijf, hoewel die scène dus niet zijn marteldood betrof. De christelijke iconografie kende niet veel heiligen met een bloot lijf, behalve de Gekruisigde zelf dan. En zo werd de man met alleen soldatenlaarzen aan een dankbaar object voor kunstschilders en beeldhouwers. Het wemelt in de kunstgeschiedenis van mooie Sebastiaans. Van Rubens en El Greco, Botticelli en Titiaan tot en met een homo-erotische film uit 1976. Ook menige filmmaker, roman- en toneelschrijver wist in de afgelopen eeuw wel raad met de lijdende held en het met pijlen doorboorde lichaam.
De kerkleiding in Rome had intussen al lang een meer kuise manier van afbeelden gepromoot. Want zo raak je uit de buurt van de Sebastiaan met een aanstekelijk en onverschrokken geloof. Maar spiritueel auteur Anselm Grün wil toch die pijlen en wonden in het verhaal handhaven. Mensen kunnen hun eigen verlangens of woede op ons projecteren. We kunnen met pijlen van kritiek en afwijzing te maken krijgen. Maar we kunnen meer incasseren dan we soms denken, als we in contact kunnen blijven met een bron van innerlijke onaantastbaarheid.

(2018)

Categories: Uncategorized Tags: ,

Catherine Mumford – *17 januari 1829, Ashbourne, Derbyshire — † 4 oktober 1890, Clacton, Essex

October 24th, 2018 Comments off

De Heer wil ons vervullen met liefde en dopen met vuur

Haar man William Booth stichtte samen met haar het Leger des Heils. Ze kreeg de titel ‘Moeder van het Leger des Heils’ toen hij de functie van generaal kreeg. Ze deed meer dan de hoedjes ontwerpen.
Haar vader was een wagenmaker en lekevoorganger bij de methodisten, haar moeder was diepgelovig puriteins. Catherine was in haar jeugd gehandicapt. Ze kreeg thuisonderwijs. Er wordt verteld dat ze voor haar twaalfde de Bijbel al acht keer had gelezen. Ze werd al jong actief in de georganiseerde strijd tegen het alcoholisme. Het gezin verhuisde naar Londen. Toen er onder de Methodisten in 1850 een scheuring kwam schaarde ze zich bij de voorstanders van hervorming. Ze werd leidster van een zondagschool en ontmoette William. Ze trouwden in 1855. In 1859 schreef ze op zijn aandringen het pamflet Female Ministry ter verdediging van het preken van de Amerikaanse Phoebe Palmer. Kort en krachtig kwam ze op voor het recht van vrouwen om te preken. Vrouwen zijn niet minder dan mannen. Er is geen bijbelse grondslag voor een verbod. En wat de Heilige Geest heeft verordend en gezegend moet worden geëerbiedigd.
Het jaar erop was het voor haar zelf zover. Door het leiden van jeugdgroepen had ze geleerd haar zenuwen de baas te zijn. Haar preken werden een succes. Ze sprak heldere taal. Haar man preekte voor de armen, zij vaak voor de rijken om hun financiële steun te verwerven voor het ‘reddingswerk’ van het Leger. Ze nam geen blad voor de mond. Een van haar preken heet ‘Aggressief christendom’. Satan had het duidelijk op het christendom gemunt, gezien de deplorabele staat ervan. Je moet niet afwachten tot het mensen belieft naar je oude of nieuwe kapelletje te komen. Je moet mensen ‘dwingen om in te gaan’. De achterbuurten in met het Evangelie! Je mond openen tegenover je familie of je huispersoneel om te zeggen wat je op je hart hebt!
In 1885 nam ze deel aan een succesvolle campagne voor een wetswijziging die meisjes betere bescherming bood. De gelijkwaardigheid van man en vrouw werd nog niet zo ver doorgevoerd dat vrouwelijke officieren hun aanstelling konden behouden als ze met een mannelijke officier van het kerkgenootschap trouwden. Haar opvatting dat sacramenten niet heilsnoodzakelijk waren droeg bij aan de afschaffing van doop en avondmaal in het Leger.

(2018)

Columba van Iona – *7 dec 521, Gartan (Ir) – † 9 juni 597, Iona (Sch)

December 31st, 2017 Comments off

Ontsteek in onze harten, o God, de vlam van liefde die niet uitdooft; dat zij mag branden in ons en licht geven aan anderen

Columba betekent duif. In 563 zette de Ierse abt met deze naam met een paar helpers voet aan wal op het eiland voor de Schotse westkust dat de naam Iona kreeg – de Hebreeuwse naam Jona betekent ook duif. Vooral ’s winters is het er nogal onherbergzaam, maar zij bouwden er een kapel met onderkomen en gingen van daaruit missiewerk bedrijven onder de Picten op de Hebriden en in de Hooglanden.
Ierland was in de zesde eeuw bedekt met kloosters. ‘De Apostel der Kelten’ en afstammeling van een koning was in een ervan opgeleid. De oversteek richting Schotland was iets nieuws: pelgrimeren enkele reis. Kort voor de oversteek zou Columba ruzie hebben gehad over het Psalmenboek dat hij had overgeschreven, naar hij dacht voor eigen gebruik. Het werd zelfs oorlog en mogelijk was zijn missionaire pelgrimage om zielen te winnen daarvoor een boetedoening. De missie van Columba en zijn medewerkers door de wouden en over de eilanden van Schotland betekende net als in Ierland het einde van de Keltische godsdienst. In Inverness werd Bridei, de koning van de Picten, christen. De druïden, de ‘mannen van de eiken’, maakten plaats voor de priesters van de Kerk en de verering van de zon en andere goden voor de verering van Christus. Het geloof in de geneeskrachtige werking van de mistletoe, de altijd groen blijvende parasiet op eikenbomen, is nooit helemaal verdwenen. Waarom zou het ook?
Bij zijn dood was Columba bij het mediteren in zijn hut aangekomen bij Psalm 34:11: ‘wie de Heer zoekt ontbreekt het aan niets.’ Dat is vast niet verzonnen. Bij de verhalen over zijn wonderen en voorspellingen is dat minder zeker. Twee Latijnse liederen op zijn naam zijn van later. Gebeden en spreuken ‘van Columba’ zijn hoogstens ‘in zijn geest’. Zoals de zegen ‘mag de Eeuwige voor u zijn als een heldere vlam, boven u als een ster die de weg wijst, onder u als een effen pad, achter u als een vriendelijke herder, vandaag en altijd’.
Zijn eiland is weer opnieuw een belangrijk spiritueel centrum. Het voormalige Benedictijner klooster wordt onderhouden door de Iona-gemeenschap, een oecumenische communiteit die in 1938 is opgericht, met leden ook in Nederland. Iona is een gastvrije plek voor wie geestelijk wil opladen. Die moderne pelgrim gaat dan ook weer retour, verrijkt met gebeden en liederen van een verfrissende eenvoud. De Duif van heilige inspiratie blijft vliegen.

(2017)

Categories: Uncategorized Tags:

Eliza van Koetsveld – * 24 mei 1807 Rotterdam   –  † 4 november  1893 Den Haag

December 31st, 2017 Comments off

Zijn er idioten in Den Haag?

Ds. C.E. van Koetsveld is vooral bekend geworden als de schrijver van De pastorie van Mastland. Daarin schetste hij zijn ervaringen als predikant in zijn eerste gemeente Westmaas. ´Veel beter dan kerkbladstukjes´ schreef een literair recensent. Hoogleraren theologie verwezen hun studenten vaak naar dit boek. In de negentiende eeuw waren veel predikanten literair actief. Van Koetsveld steeg boven veel van zijn collega´s uit.
Maar ook als predikant maakte hij grote faam. Na nog een paar andere gemeentes werd hij in 1849 beroepen naar de hofstad. En toen hij al 71 was werd hij door koning Willem III nog benoemd als hofprediker. Hij moest dan soms naar Het Loo. Bij diverse koninklijke begrafenissen ging hij voor. Ook heeft hij prinses Wilhelmina nog gedoopt en twee boeken geschreven voor koningin Emma voor het godsdienstonderwijs van de prinses.
Na de begrafenis van de jonge prins Maurits beklaagde koning Willem III zich bij hem over het feit dat koningin Sophie een verloskundige in plaats van een kundig arts bij zijn ziekbed had gehaald. Ds. van Koetsveld antwoordde tactisch met het verhaal over koning Asa waarover hij net catechisatie had gegeven. Die had tijdens zijn ziekte meer vertrouwen op geneesheren dan op God gehad. De koning erkende dat hij misschien wel gelijk had, ‘maar ’t is zo hard’.
Van Koetsveld had niet alleen voor koningskinderen aandacht. Zijn naam prijkt ook in de canon van de geschiedenis van de gehandicaptenzorg in Nederland. Dankzij hem werd in 1855 de Idiotenschool geopend in Den Haag, de eerste school voor kinderen met een verstandelijke beperking. Van Koetsveld was ze tegengekomen tijdens zijn werk. Ze hadden ook recht op ‘lichamelijke, verstandelijke en zedelijke vorming’. Het leverde hem de bijnaam ‘Vriend der idioten’ op.
Die school was ‘evangelisch-christelijk’. Van Koetsveld probeerde buiten de felle richtingenstrijd onder de protestanten van zijn tijd te blijven. Hij was tegen de Aprilbeweging die Rooms-Katholieke bisschoppen wilde tegenhouden. Hij was zoon van een liberale, vurige patriot en van een moeder die juist uit een prinsgezinde familie kwam. Kwam het misschien door die achtergrond dat hij probeerde het goede van verschillende richtingen te verbinden? ‘Ik zoek Jakobus te vereenigen met Paulus en Petrus met Johannes.’
Zijn stem klonk nasaal en zijn bewegingen op de preekstoel waren houterig en stijf. Maar door de gelovige inhoud van zijn preken, de actualiteit ervan en zijn vermogen om ook voor minder ontwikkeld publiek begrijpelijk te spreken bleef hij tot hoge leeftijd geliefd. En naast zijn vele werkzaamheden op het gebied van pastoraat en organisatie zorgde hij ook nog voor een stroom van kwalitatief goede publicaties op allerlei terrein. Die voor het onderwijs aan ‘idioten’ en de kindercatechese waren het meest baanbrekend.
(2017)

Categories: Uncategorized Tags:

Anselmus van Canterbury – *1033, Aosta (It) –  † 21 april 1109, Canterbury

December 29th, 2017 Comments off

Je hebt het gewicht van de zonde niet voldoende gewogen

De zin over het gewicht van de zonde komt uit de mond van Anselmus tegen zijn fictieve gesprekspartner Boso, in het tractaat Cur deus homo: waarom God mens werd. De monnik, abt en latere aartsbisschop Anselmus formuleerde daarin kort na het begin van het tweede christelijke millennium de zogenaamde ‘juridische verzoeningsleer’. Boso vroeg waarom God niet kon vergeven zonder kruis. Anselmus ontvouwt dan de betekenis van het offer van Christus met begrippen als schuld, straf, genoegdoening, plaatsvervanging, vergeving. Deze zijn ontleend aan het Nieuwe Testament, maar ook aan de rechtspraak van zijn tijd. Daarin speelden geschonden eer en eerherstel een grote rol.
Niet alleen in de praktijken van boete en biecht, de liturgie en de theologie van de Middeleeuwen werkte dit door. Ook de verzoeningsleer van de Reformatie is Anselmiaans van toonzetting. Zoals veel protestantse kerkliederen, de Mattheüspassie van Bach of de liederen van Johan de Heer dat zijn. Anselmus heeft voor een heel millennium school gemaakt. De westerse verzoeningsleer is een culturele prestatie van even groot formaat als de gothische kathedralen.
Deze verzoeningsleer is langzaam maar zeker in diskrediet geraakt. Niet alleen door de  extreme uitwerkingen, waardoor het Evangelie van verzoening door voldoening degenereerde tot een evangelie van betutteling, schuldgevoel en aangeleerde depressiviteit. ‘Jezus voor onze zonden gestorven’ werd teveel een gestolde formule. En een begrip als genoegdoening werkt niet meer in een cultuur die eerwraak achter zich gelaten heeft.
Maar midden in dat geschrift staat een kleine gelijkenis, een parel van een parabel vanwege het prachtige Godsbeeld, bijna vrouwelijk. Iemand staat stil, bukt zich om iets heel kleins, maar o zo kostbaars op te rapen uit de modder waarin het gevallen was. Dat is min of meer wat de Kerk van Oost en West het eerste millennium had geleerd: hoe de goddelijke verlossing mensen optilt uit verlorenheid en verstriktheid in zonde. Maar er gebeurt nog iets. De parel van grote waarde (de mens met zijn ziel) wordt gewassen om zijn oorspronkelijke zuiverheid te laten zien. Het is Gods eer te na om zijn kostbaarheden niet te laten schitteren.
Anselmus schreef nog veel meer. Met hem begon de wetenschappelijke theologiebeoefening. Hij ontwikkelde standaarden van disputeren en argumenteren. Daarbij was het theologiseren nog helemaal ingebed in het Benedictijnse kloosterleven, met zijn dagelijkse ritmes van liturgisch gebed en meditatie. Een van zijn andere beroemde formules is ‘Geloof zoekt begrip’. Theologie moet beoefend worden als een vorm van liefde die dieper wil leren kennen. En deze gedachte kan evenals die gelijkenis van de parel nóg wel een millennium mee.

(2017)

Walburga – *710, Devonshire – † 25 februari 779, Heidenheim

December 27th, 2017 Comments off

Een sterke vrouw, wie zal haar vinden? Ze is meer waard dan edelstenen – Spreuken 31: 10

Walburga was in de vroege middeleeuwen behalve in Duitsland ook hier een populaire heilige. Ze was de patrones van de boeren, de zeevarenden en de huisdieren en op afroep beschikbaar tegen beten van hondsdolle huisdieren. Minstens op zeven plaatsen was er in ons land een kerk aan haar gewijd. Een ervan stond in Groningen vlakbij de Martinikerk. Deze kerk in Romaanse centraalbouw werd in 1629 gesloopt. Al eerder was lood van het dak omgesmolten tot kogels in de strijd tegen prins Maurits.
Koningsdochter Walburga behoorde tot het gezelschap vrouwen dat in 748 op uitnodiging van Wynfreth (Bonifatius) vanuit Engeland was overgestoken om zijn missiewerk te ondersteunen met het stichten van nieuwe kloosters. Ze was in 710 geboren in het graafschap Dorset in Zuid-Engeland. Ze was een nichtje van Bonifatius. Samen met haar broers Winnibald en Willibald reisde ze, mogelijk via Katwijk, naar Zuid-Duitsland. Ze werd abdis in Heidenheim in het nonnenklooster dat broer Winnibald daar stichtte. Toen deze stierf werd ze ook abdis van het aanpalende mannenklooster. Wat in later eeuwen bepaald niet meer kon: een vrouw die de leiding had over mannen. De Angelsaksische missionarissen die samen aan klooster- en kerkplanting deden onder de Germanen brachten een cultuur met zich mee waarin waarde werd gehecht aan een goede opvoeding van meisjes, evengoed als van jongens. Er kwam een kloosterschool tot bloei. Ze moet sterke leiderschapskwaliteiten hebben gehad.
Ze werd de dagheilige van 25 februari, haar sterfdag in 779. Haar heiligverklaring vond een eeuw later plaats bij de overbrenging van haar relieken naar de kerk in Eichstätt, de bisschopskerk van haar broer Willibald, 1 mei 870. Door die datum van 1 mei kwam haar nagedachtenis in verbinding met oude voorjaarsrituelen van de Germanen. Volgens volksgeloof was de nacht van 30 april op 1 mei een nacht vol magie. De goden Wodan en Freya verdreven dan de winterdemonen om de lente te begroeten. Heksen komen uit alle hoeken en gaten tevoorschijn om op bezemstelen, kattenstaarten, rieken en dorsvlegels door de lucht te suizen, geïrriteerd door de reinheid van Walpurga. De Duitse dichter Goethe heeft aan het einde van de achttiende eeuw stevig bijgedragen aan een herleving van de Walpurgisnacht.
En de stenen rond haar graf zouden de eeuwen door ieder jaar een bijzondere vloeistof afscheiden, de geneeskrachtige Walpurgisolie. Volgens Anselm Grün staat dit symbool voor de helende kracht die er van haar uit gaat. Want ze wist krachtig leiderschap met vrouwelijke fijngevoeligheid te verbinden en in harmonie met zichzelf te zijn. Mooie gedachte.

(2017)

Johann von Staupitz – *ca. 1460, Motterwitz – † 28 december 1524, Salzburg

January 7th, 2017 Comments off

Christus jaagt geen angst aan. Hij troost

De theologische boeken van dr. Staupitz zijn al lang vergeten. Zijn belang ligt in zijn aandacht voor de begaafde maar angstige jongeman die pas was ingetreden in een van de kloosters die hij visiteerde. Eens hebben ze wel zes uur samen gepraat. Wat tobde deze monnik zich af over zijn nalatigheden! Wat een zelfreinigingsdwang! Staupitz werd zijn biechtvader. ‘Je weet niet Martinus, hoe nuttig en nodig deze aanvechtingen voor jou zijn, want God oefent jou niet zonder reden; je zult zien dat Hij je zal gebruiken als een dienaar om grote dingen te doen.’ Hij zei geen bijzondere dingen. Hij wees Luther eenvoudig op de genademiddelen van de kerk en op het bloed van Christus. Niet teveel drukte over ‘poppekwaad en pekelzonden’! Maar de woorden waren goed getimed. Luther schreef: ´Ik nam Uw woord in mij op als een stem van de hemel: ware boete is geen andere, dan die met de liefde tot de gerechtigheid en tot God begint´. Hij leerde de waarheid over zichzelf in het liefdevolle oordeel van God te vinden. ´Als Doctor Staupitz, of liever God dóór Doctor Staupitz mij niet uit de verzoekingen geholpen had, ik was er in verzopen en allang in de hel´.
Staupïtz vervulde allerlei rollen binnen de Saksische provincie van de orde van de Augustijnen. Sinds 1502 was hij tevens de eerste dekaan van de nieuwe universiteit van Wittenberg. Voor Luther was hij behalve een vaderlijke vriend ook de mentor die zijn opleiding stimuleerde. Hij haalde hem naar Wittenberg en maakte hem in 1512 tot zijn opvolger als professor bijbelwetenschap. Luthers bezwaren wuifde hij weg met de opmerking dat God het tegenwoordig erg druk had en wel een paar doctores in zijn raad kon gebruiken. Later stuurde hij op zijn verzoek Luthers bezwaren tegen de aflaat naar de paus door en ontsloeg hij hem van zijn kloostergeloftes. Een Lutheraan werd hij zelf niet. Om de conflicten te mijden trok hij zichzelf terug uit de orde en werd hij benedictijn. Vlak voor zijn dood schreef hij Luther nog een brief. Hij had veel van Luther geleerd. Hopelijk konden ze nog eens samen praten.
Van de zeven sacramenten bleef Luther er drie eerbiedigen: naast Doop en Avondmaal ook de biecht, ook al gaf hij er een nieuwe draai aan. Hij had de waarde ervaren van het geestelijke gesprek. In de Protestantse Kerk moet vanaf 2017 iedere predikant en kerkelijk werker periodiek een vorm van geestelijke begeleiding, supervisie of intervisie zoeken. Iedereen een eigen Herr of Frau Staupitz!
(2016)

Dominicus de Guzmán – *plm. 1170, Caleruega (Castilië) – † 6 augustus 1221, Bologna

January 7th, 2017 Comments off

Hij was altijd vrolijk en lachend, behalve als hij zich ontfermde over de ellende van zijn naasten

Op 22 december is het achthonderd jaar geleden dat Dominicus de Guzman pauselijke goedkeuring kreeg voor de leefregel van zijn zestien ´predikheren´. Daarmee was de stichting van de orde van de Dominicanen een feit. Dominicanen waren net als Franciscanen een bedelorde en beide ordes maakten nog tijdens het leven van hun stichter een snelle groei door. In 1232 ontstond de eerste vestiging in ons land. Het verdwenen Dominicaner klooster in Winsum ontstond in 1276 en zou in functie blijven tot de Beeldenstorm van 1566.
Over Dominicus gaan mooie verhalen. Op een keer kwamen de broeders die erop uitgestuurd waren om een ontbijt bij elkaar te bedelen, terug met hoogstens de helft van wat nodig was. Dominicus werd daar niet treurig van. Integendeel, hij begon een dans en prees God. Het werkte aanstekelijk op de broeders. Een vrouw die passeerde dacht dat ze een stel dronken mannen zag. Maar toen ze beter geïnformeerd was ging ze naar huis en kwam terug met wijn, brood en kaas. Als ze God al konden danken voor een miserabel hongerloontje, dan wilde ze graag bijdragen aan nog meer van zulke vreugde.
Dominicus en Franciscus hebben elkaar meermalen ontmoet. Dominicus bewonderde Franciscus en zou bij hun laatste ontmoeting als aandenken om het koord van zijn pij hebben gevraagd. Hun achtergronden waren heel verschillend en dat werkte door. Dominicanen preekten vaak langer en geleerder, de Franciscanen korter en eenvoudiger. Dominicus was van Castiliaanse adel en een geschoold theoloog. Hij had in Zuid-Frankrijk rondgetrokken om daar in urenlange openbare discussies de kathaarse Albigenzen van hun gedachten te bekeren. Deze ‘ketters’ hechtten grote waarde aan bijbelteksten over armoede en kuisheid. Het bestrijden van ketterij en bevordering van de eenheid van de Kerk was een van de doelen van het belangrijke Lateraans Concilie van 1215. Dominicus en zijn gezellen kregen de opdracht tot prediking, biecht horen, zielzorg en geloofsverdediging. Daarvoor was goed theologisch onderwijs nodig. Uit de gelederen van de Dominicanen kwamen zo de grootste theologen van de Middeleeuwen voort, maar ook belangrijke mystici, en in de afgelopen eeuw enkele Nobelprijswinnaars. Helaas werd ook de inquisitie hun terrein, het onderzoek naar de leer. En als de Reformatoren van de zestiende eeuw stevige tegenspraak kregen, kwam dat vaak van Dominicanen. Hun naam werd wel gelezen als ‘Domini Canes’: honden van de Heer.
Van Dominicus´ hand is slechts één briefje bewaard. Uit dat klooster in Winsum is wel iets bijzonders bewaard gebleven: het oudste Nederlandse handschrift met orgelmuziek, geheel in stijl gebonden achterin een prekenbundel.  (2016)

Hendrik van Zutphen – 1488/89 Zutphen – 10 december 1524 Heide (Dtsl.)

January 7th, 2017 Comments off

Wat door de mensen aan goede zeden bij elkaar geflanst wordt is niets anders dan mooie bladeren van de evangelische vijgeboom om de zonde te verbergen

Nederland heeft ook Lutherse reformatoren voortgebracht. Hendrik van Zutphen geldt als de reformator van Bremen. Zijn verhaal laat zien hoe snel de ideeën van Luther wortel schoten. Een belangrijk netwerk vormden de Augustijner kloosters. Hendrik van Zutphen was een Augustijner monnik en had van 1508 tot 1514 gestudeerd aan de nieuwe universiteit van Wittenberg, gelijktijdig met Luther. Eerst werd hij subprior van een klooster in Keulen, in 1516 prior in Dordrecht. Beide keren was hij betrokken bij het invoeren van strakkere regels, niet tot vreugde van Luther, plaatsvervangend hoofd van de Saksische kloosterprovincie. Van eind 1519 tot 1521 studeerde hij weer in Wittenberg. Bij zijn ‘bachelor’ verdedigde hij stellingen over de rechtvaardiging door het geloof, over de natuur van de mens en de wet, over geloof en liefde. Hij studeert af met een dispuut over het hogepriesterschap van Christus en het misoffer. Hendrik wees de gedachte af dat Christus zijn maaltijd als een nieuw offer had ingesteld. Deze maaltijd was niet anders dan een teken van geloof en liefde, uitgedeeld door de diakenen.
Hij vertrok naar Antwerpen, een broeinest van Lutheranen. Net als zijn voorganger werd ook hij gevangengenomen, maar daarop volgde een bevrijding door het in groten getale opgelopen volk, het meest vrouwen, en een vluchtroute langs verschillende Augustijner kloosters in Holland. Hendrik duikt uiteindelijk op in de vrije handelsstad Bremen. Daar slaat zijn prediking over ‘geloof alleen’ goed aan. Hij weet bevriende voorgangers in de stad benoemd te krijgen. Zelf wordt hij beroepen in Meldorf in Dithmarschen (Holstein). Maar zijn optreden is een doorn in het oog van de prior van het plaatselijke dominicanenklooster. De man zet een stel boeren aan tot actie. Beneveld door bier lichten ze Hendrik van zijn bed, slepen hem aan een paard naar Heide en verbranden hem.
Luther stuurde de stad Bremen een troostbrief. De hele Dithmarschen ging tot de Reformatie over. De oude kerken in het centrum van Bremen zijn nog altijd Luthers, met een rijke muzikale traditie.
Waarom de geschiedschrijving speciaal vermeldt dat de moordenaars Hamburger bier hadden gedronken: een geval van rivaliteit tussen twee havensteden? (2016)

Ambrosius van Milaan – *plm. 340, Trier (?) – † 4 april 397, Milaan

January 7th, 2017 Comments off

Kom, verlosser van de volken!

Kerkvader Ambrosius heeft geen onverdeeld gunstige pers. In zijn tijd werd het christendom steeds meer staatsgodsdienst van het Romeinse Rijk. Ambrosius is er medeverantwoordelijk voor dat dit niet gunstig uitpakte voor de joodse minderheid. Toen er ergens bij rellen synagoges in brand waren gestoken vond hij het niet nodig dat keizer Theodosius medewerking verleende aan de wederopbouw. Een verkeerde toon was gezet.
Toen de keizer op een keer een stel opstandige Grieken ongenadig had afgeslacht legde Ambrosius hem een publieke boetedoening op, waaraan de keizer gehoorzaamde. Dat dan wel weer. Ambrosius was tegen de doodstraf. En hij zette zich in voor de armen en was een voorbeeld van sober leven.
Volgens een legende zoemde er een zwerm bijen boven de pasgeboren baby en legden ze honing in zijn kleine mond. Zo werd hij hun beschermheilige. Zijn vader zou het hebben opgevat als een teken van toekomstige welsprekendheid. De legende kan afgeleid zijn van zijn naam, Ambrosius betekent zoiets als godenspijs. Feit is wel dat hij zich ontwikkelde tot een goede spreker. Bij een conflict over een bisschopsbenoeming in rijkshoofdstad Milaan wierp deze rijksfunctionaris zich op als bemiddelaar. Maar de aanwezigen in de kerk begonnen ‘Ambrosius bisschop’ te roepen. Vox populi vox dei was de regel: de stem van het volk is de stem van God. Waarop hij zich na enige aandrang liet dopen (gedoopt zijn ging nog wat moeilijk samen met het dragen van een overheidsambt) en het ambt aanvaardde. Hij kon goed Grieks lezen en schrijven, waardoor hij zich de theologie van zijn tijd snel eigen kon maken en met collega’s elders in correspondentie stellen. En zijn preken werkten op menigeen betoverend. Het leidde ertoe dat niemand minder dan de latere ‘kerkvader’ Augustinus zich door hem liet dopen.
Hij schreef ook een reeks theologische verhandelingen. Maar zijn belangwekkendste bijdrage aan de kerk werden zijn liederen. Ambrosius stimuleerde het zingen van de gemeente. Niet alles wat als ‘Ambrosiaans lofgezang’ wordt gezongen is van hem afkomstig. Mogelijk wel de tekst van het Te Deum. En in elk geval de tekst en de muziek van enkele geslaagde strofische liederen. Met stip op één staat Veni redemptor gentium. Het is ons oudste kerstlied. Luther heeft met succes ervoor gezorgd dat het ruim een millennium later een tweede leven kreeg in de vorm van het lied ‘Nun komm der Heiden Heiland’, ‘Kom tot ons, de wereld wacht’ (lied 433). Hij hoefde in 1524 voor zijn eerste lied maar vier noten weg te laten en de tekst te vertalen. In Duitse liedboeken is het nog steeds vaak nummer 1. Bach leverde er wonderschone muziek bij.
Luther liet een paar strofen over de maagdelijkheid van Maria weg, een stokpaardje van Ambrosius. Sommige vaders in Milaan lieten hun dochters thuis uit angst dat ze onder de invloed van zijn preken zouden kiezen voor levenslang behoud van hun maagdelijk staat. Het was kennelijk ook Luther te gortig. Van hem hoefde het celibaat en het ongehuwde leven als monnik of non niet meer.
Overigens heb ik geen bezwaar tegen hemelse bijstand voor onze bijen. Ze hebben het slecht. (2016)

Charles de Foucauld – *15 september 1858, Straatsburg, – †1 december 1916, Tamanrasset (Algerije)

January 7th, 2017 Comments off

Tot alles ben ik bereid, alles aanvaard ik, als Uw wil maar geschiedt in mij en in al uw schepselen

Charles de Foucauld wordt steevast genoemd als het gaat over evangelisch leven in een islamitische omgeving. Rond het jaar 1220 bepleitte Franciscus van Assisi al ‘een tweede manier om onder de Saracenen (= moslims) te leven’, namelijk door het getuigenis van een leven in dienstbaarheid en vrede. Alleen als daarvoor een opening zou zijn zou er in woorden getuigenis moeten worden afgelegd van de christelijke hoop. Franciscus was geen voorstander van het zoeken van het martelaarschap door een ongevraagd getuigenis met woorden. Toen een paar broeders op missie in Noord-Afrika het leven lieten, verheerlijkte Franciscus dit martelaarschap niet. Twee jaar later in de pauselijk goedgekeurde versie van Franciscus’ leefregel was deze ‘twee manier van leven’ echter verdwenen. De westerse kerk bleef de islam zien als een godsdienst die toch vooral door verkondiging van het Evangelie moest worden bestreden.
De Fransman de Foucauld maakte indruk door de manier waarop hij eeuwen later juist die tweede manier in de Algerijnse bergen praktiseerde. Als jongere gold hij eerst als onverschillig en onstuimig, hoewel ook intelligent en ijverig. De Frans-Duitse oorlog van 1870 bracht de nodige verhuizingen met zich mee. Hij verloor zijn geloof, las veel, liet het breed hangen, was ongedisciplineerd. Twee keer vocht hij in het Franse leger in Algerije. Een rusteloos levend mens: er volgen ontdekkingsreizen, relaties gaan aan en uit, dan een bekering tot het katholieke geloof, intrede in een trappistenklooster, verblijf in een dochterklooster in Syrië, weer uittreden, werk bij de Clarissen in Nazareth, wijding als diaken en priester. Langzamerhand wordt hem zijn ideaal wel duidelijk. Een nieuwe christelijke spiritualiteit die hij de ‘weg van Nazareth’ noemde. Hierin gaat het om het navolgen van de ‘verborgen Jezus’ zoals hij tot aan zijn openbare optreden leefde als arme en stille arbeider. Voor de Foucauld betekende dit een leven van gebed en meditatie en met een goed voorbeeld van vriendelijkheid. Hij deed dat eerst in Marokko en later onder de Algerijnse Toearegs, arm onder de armen. Hij verzorgde er een woordenboek Toearegs-Frans en een grammatica. Totdat plunderaars hem op een dag vastbonden. Hun dodelijke schot was per ongeluk.
Op dat moment had hij geen volgelingen. Pas in de jaren ’30 volgde in zijn geest de stichting van enige ordes. Zijn ideaal viel ook terug te zien in de priester-arbeiders in grote industriesteden of onder de arme boeren van Latijns-Amerika: het getuigenis van christen-zijn metterdaad. (2016)

Paolo dall’Oglio – *17 november 1954, Rome – †29 juli 2013, Raqqa (?)

January 7th, 2017 Comments off

Wij zijn ervan overtuigd dat een voorzichtige en bewuste toenadering tussen christenen en moslims ook voor de christenen iets goeds voortbrengt

Paolo dall’Oglio is een Italiaan die in 1992 het verlaten Syrische woestijnklooster Mar Moussa betrok, opknapte en tot nieuw leven bracht. Totdat ook hij slachtoffer werd van het geweld in Syrië en Irak.
Een Jezuïet. Dall’ Oglio vond zijn roeping in een land dat gestempeld is door de islam. Bekeringsijver? Het indrukwekkende betoog dat hij als een geestelijk testament heeft nagelaten is gericht op christenen. Vanuit zijn eigen praktijk van het ‘dubbel toebehoren’ bepleit hij een respectvolle en liefdevolle ontmoeting met de islam en met moslims. Soms noemde hij zichzelf zelfs moslim, in de lijn van zijn verzet tegen de scheidingsmuren tussen de verschillende identiteiten. Zijn kloostergemeenschap beoefende maximale gastvrijheid voor moslims en zoekende pelgrims. Getuigen en evangeliseren betekent Jezus zo radicaal mogelijk navolgen. Net als Paulus ‘Jood met de joden, Griek met de Grieken, voor allen alles’ willen zijn. Niet uit zijn op groei van de eigen kerk, maar op versterking en verdieping van wat de ander al heeft aan ‘waarheid’. Onder de verschillen in leerstellingen en in godsdienstige praktijken zitten diepgaande overeenkomsten in verlangens. En God is vaak juist in de ontmoeting aanwezig.
Als zijn islamitische gesprekspartners en kloosterbezoekers uiteindelijk vroegen om de doop of deelname aan de eucharistie raadde hij dat soms af. Om hen moeilijkheden te besparen en om de verschillen niet te laten verwateren. Liever zag hij dat ze binnen de islam volgers van Jezus van Nazareth werden dan dat ze ‘over’ zouden gaan. Het verleden scheidt, de gezamenlijke toekomst zal verbinden.
Zijn boek houdt westerlingen ook een spiegel voor. Het westen beoordeelt de cultuur en de gewoontes van het Midden-Oosten vaak kortzichtig en hooghartig. Ook het Westen kende lang een verbinding van geloof met macht en politieke meerderheid. En dat heeft het christendom geen goed gedaan. De kerk is nu een minderheid in een samenleving met een seculiere ‘religie’ die ook ‘post-christelijk’ is en die soms even afwerend is tegen andersdenkenden als de islam dat vaak was en is. Ook in die omgeving is de aangewezen weg een praktijk van ‘dubbel toebehoren’ van trouw aan het Evangelie en tegelijk een diepe en uitnodigende verbondenheid met onze seculiere naaste.
Dall’Oglio genoot het respect van groot-moefti’s in zijn land. Maar zijn kritiek op Assad betekende in 2011 zijn uitwijzing. Toen de spanningen in het land verder opliepen kwam hij toch terug om te kijken hoe hij kon bemiddelen. Sinds 29 juli 2013 ontbreekt elk spoor. Een zegsman beweerde een jaar later dat hij door IS was geliquideerd. Andere leden van Mar Moussa zijn gevlucht.

(2016)

Categories: Uncategorized Tags: ,

Maarten Luther – 10 november 1483 Eisleben – 18 februari 1546 Eisleben

January 7th, 2017 Comments off

Die twee horen samen: geloof en God. Waaraan je hart hangt en waarop je vertrouwt, dat is eigenlijk je god

Luther. Zoon van mijnbouwer. Scholier in Mansfeld, Magdeburg en Eisenach. Filosofiestudent in Erfurt. Magister. Studie rechten. Neurotische trekken. Depressies. Augustijner monnik. Biechtvader Spalatinus. Wittenberg. Eigen bijbel. Professor moraaltheologie. Ries naar Rome. Doctor in de theologie. Colleges over de brief aan de Romeinen en de Psalmen. Darmklachten en obstipatie. Verzet tegen de aflaat. Stellingen tegen de Aristotelische scholastiek. Vijfennegentig stellingen op een kerkdeur. Een steen gaat rollen. Keurvorst Frederik de Wijze. Disputaties. Babylonische gevangenschap van de kerk. De vrijheid van een christenmens. Priesters moeten mogen trouwen. Pauselijk vonnis publiekelijk in het vuur. Keizer Karel V. Rijksdag in Worms. ´Hier sta ik, ik kan niet anders.´ Verdwijning. Ridder met baard en zonder tonsuur op kasteel de Wartburg. ´Mijn Patmos.` Bijbelvertaling. Vormgever van de Duitse taal. Radicalen en opstandelingen. Terug in Wittenberg. Hervorming van de mis. Volgelingen in Antwerpen op brandstapel. Liederen. Boerenoorlog. Overheid draagt zwaard niet tevergeefs. Katharina von Bora. Huwelijk. ‘Mijn Heer Käthe’. Kinderen, studenten en gasten. Bierbrouwerij en boerderij. Tafelgesprekken. Rozenliefhebber. Waanzinnige vorsten. Twee-rijkenleer. Landskerken. Liever verbanning dan doodstraf voor sectariërs. Kleine en grote Catechismus. De verborgen en de openbare God. Colleges over Psalmen, profeten en Paulus. Duizenden preken. Pennestrijd met Erasmus over de vrije en de geknechte wil en de overmacht van de genade. Mens tussen God en duivel. Profeet van God in apocalyptische tijd. Aanvechtingen. ‘Ik ben gedoopt!’. Conferenties en conflicten met andere reformatoren. Aanwezigheid van Christus in brood en wijn. Zwingli geen broeder. Schuldbelijdenis en genadeverkondiging. Biecht niet afgeschaft maar hervormd. Vrienden, volgelingen, vijanden. Rijksdag van Augsburg. Augsburgse confessie. Schmalkaldische artikelen. Verdriet om overlijden dochter Leentje. Turken voor Wenen. Gesel van God. Geen kruistocht. Een vaste burcht is onze God. Jezus Christus een geboren Jood. Joden bekeren zich niet: neurotische woede. Antisemitisme. Grofheden. Zwaarmoedigheid. Humor. Colleges over Genesis. Moe. Bemiddelaar bij conflicten in Eisleben. ‘Wij zijn bedelaars. Hoc est verum. Dat is waar’. Dood.
Doen protestanten niet aan heiligenverering? Meer dan levensgrote standbeelden voor reformatoren van Berlijn tot Genève. Mooie zinnen in zijn catechismus voor kinderen en andere beginnelingen. Beginnend bij de Tien Geboden, het Evangelie in de Wet. Zoveel geloof als je aan de God van het Evangelie geeft, zoveel God ‘heb’ je dan. Ergens anders: ‘zoveel geloof, zoveel lach.’
(2016)