Archive

Archive for the ‘CD’s-boeken-films’ Category

Fundamentele theologische bestrijding van het christenzionisme

June 27th, 2018 Comments off

Steven Paas (red.), Het Israëlisme en de plaats van Christus, uitg. Bc-bs, 2017, 327 blz., € 22,50

Steven Paas (1942) is christelijk-gereformeerd theoloog die met deze publicatie opnieuw ten strijde trekt tegen het christenzionisme. Voor dit boek hebben theologen uit orthodox-gereformeerde, Anglicaanse en evangelische kerken in binnen- en buitenland een bijdrage geleverd. Paas zelf schreef een uitvoerig eerste hoofdstuk, prof. Wido van Peursen (VU) een inleiding. Het boek is begin 2018 ook in het Engels verschenen.

Voor lezers bij wie de theologische wind uit een andere hoek waait, is de inzet en de stijl van dit boek wennen. ‘Israëlisme’ is de eigenzinnige term van Paas voor het verschijnsel dat er ‘na Christus’ nog een heel eigen plaats aan Israël – volk, land en godsdienst – in het handelen van God wordt toegekend. Wat hier op de korrel wordt genomen is de theologie van de nog niet vervulde oudtestamentische profetieën over Israël die pas na 1948 met de oprichting van de staat Israël in vervulling zouden zijn gegaan. Het gaat om de theologische kern van dat christenzionisme. Het Israëlisme zet Israël in feite in de plaats waar Christus altijd stond in het christelijk geloof. De terugkeer van joden en hun staatsrechtelijke eigendom van het land der vaderen is theologisch gesproken heilsnoodzakelijk geworden. Zonder Israël geen Koninkrijk van God op aarde, daarom zou het de missie van de Kerk moeten zijn om de wereld tot Israël te bekeren en dit herstel van de natie te bevorderen.

Dit boek gaat minutieus na hoe het zit met die oudtestamentische profetieën en hun vervulling of onvervuldheid. Het maakt het boek dik en omslachtig. Toch groeide al lezend mijn sympathie. Hier wordt het vak bijbelse theologie ouderwets gedegen beoefend. Bijbelse theologie die uitgaat van de eenheid van de Schrift en die de Schrift eerbiedig leest als Stem van de Ene, met respect voor de eigen kleur van de auteurs en met grote aandacht voor de historische context. Steen voor steen wordt zo het Israëlisme ontmanteld. De lezer krijgt stevige lessen nieuwtestamentisch interpreteren van het Oude Testament, naast ook gewoon in beter lezen wat er staat. De landbeloften, de beloftes van een vernieuwing van Israël of van het opnieuw wonen van God te midden van zijn volk in zijn vernieuwde tempel, zijn al in Christus vervuld, of aan hun vervulling begonnen. Jezus is samen met zijn gemeente die ‘tempel’, God wonend onder mensen. Joden en niet-joden vormen daarbij samen Gods volk. En dat breidt zich uit over de hele wereld. De hele aarde is bestemd om ‘hof van Eden’ te worden. De missie van de Kerk is dan om wereldwijd de mensen te winnen om deel te worden van de nieuwe tempelgemeenschap van joden en niet-joden die samen leven in eerbied voor de Eeuwige. Er wordt geen ánder Koninkrijk verwacht dan het Koningschap van Christus, dus niet daarnaast nog een ‘herstel van het koninkrijk van David’. Da Costa in de 19de eeuw en alle christenzionistische uitleggers na hem lezen op dit punt Handelingen 1 niet goed. En om de ‘terugkeer’ vanaf 1880 (en niet pas in 1948) en wat er verder historisch volgde in het land van de Bijbel in bijbelsche schema’s te passen moeten Restaurationisten en Chiliasten of hoe ze ook mogen heten, wel erg veel water in de bijbelse wijn doen. Staat er in dat Oude Testament niet nadrukkelijk en bij herhaling dat ommekeer tot de Heer en zijn geboden de voorwaarde is om te mogen terugkeren? Christenzionisten hebben het helemaal omgedraaid: terugkeer en (met hulp van christenen) terug brengen de Joden gaat vooraf aan hun verhoopte bekering ooit eens wellicht toch tot de Messias. En over de visioenen van Ezechiël of Zacharia 14 worden de bladzijden soms sarcastisch, uit verbazing over het vrome maar ideologische geknutsel met teksten om de contemporaine geschiedenis er in terug te kunnen lezen.

Deze theologen gaan dus door het vuur voor de klassieke christelijke vervullingsgedachte. Jezus Christus is het centrum van Gods openbaring, maatgevend voor de uitleg van het Oude Testament. In het Nieuwe Testament worden de beloftes uit het Oude Testament niet ‘vergeestelijkt’, maar ze worden ‘geuniversaliseerd’. Met deze op zich lelijke term – gebruikt door christen-Palestijnse leerlingen van N.T. Wright en hier door anderen ook overgenomen – wordt aandacht gevraagd voor de manier waarop het Nieuwe Testament heel de taal van het Oude gebruikt om te belichten wat de betekenis is van de verschijning van Christus. Je kunt overal op aarde en ongeacht je etniciteit deel hebben aan datgene wat in het Oude Testament werd toegezegd. ‘De plaats van echte aanbidding is geuniversaliseerd tot elke plaats waar de Geest woont in echte aanbidding’ (95), aldus het gesprek van Jezus met de Samaritaanse vrouw in Joh.4, een passage die veel wordt aangehaald. Omdat Jezus zelf het Israël van God is geworden – lijfelijk en aards – ‘erft’ hij niet alleen het land, maar de hele aarde als terrein van zijn koningschap. Een andere tekst die herhaaldelijk terugkeert is de zaligspreking uit Mt. 5 waarin Jezus de armen van geest niet het land maar de aarde laat beërven. De tijd van de ‘wederoprichting van alle dingen’ is bij Lucas al lang voor 1948 begonnen, namelijk op Pinksteren (157). Nergens in het NT staat een profetie over een joodse terugkeer uit ballingschap. Laat staan over een herbouw van de tempel.

Sommige uitspraken zijn echt gewaagd, als je oren gewend zijn aan de retoriek van de theologie van de ‘onopgeefbare verbondenheid met het volk Israël’. Laten Joden maar blij zijn dat God hun speciale oudtestamentische positie niet heeft gehandhaafd, de ‘verbondsoordelen’ geprofeteerd tot de Joden treffen hen dan ook niet in meerdere mate dan andere volken (39). Israël is niet langer hét uitverkoren volk van God waarmee Hij nog bijzondere bedoelingen heeft (10). Het onderscheid tussen Israël en de volken is niet meer theologisch relevant (209 voetnoot). Je hoeft van deze auteurs ook niet eerst in de leerschool bij joodse denkers en joodse schriftgeleerdheid om de Bijbel te kunnen uitleggen: de enige bladzijden over het na-christelijke religieuze jodendom gaan over de verschillende vormgevingen van het messianisme sinds de opkomst van het moderne zionisme. En een beetje joodse feesten gaan vieren in de Kerk of toeristische gemeentereisjes naar Jeruzalem betitelen als ‘pelgrimeren’ kan na lezing van de bijdrage van Theo Pleizier (PTHU) ook niet meer. Als het Avondmaal de belangrijkste ceremoniële praktijk is van de christelijke spiritualiteit, gaat er iets mis met de spirituele focus op Christus als je dit gaat mengen met het joodse Pesach. De Kerk is het joodse volk niet (p. 216). En bij de geografie van diezelfde spiritualiteit hoort dat we de Heer ontmoeten in de lokale gemeente. Reizen naar Jeruzalem brengt niet dichter bij de Heer. Religieus toerisme moeten we niet verwarren met pelgrimage, want de pelgrim naar het Koninkrijk van God zal meer interesse hebben in mensen (Joden én Palestijnen) dan in dode stenen. En over de eschatologie van de christelijke spiritualiteit wil hij vooral benadrukken dat die het probeert uit te houden in de mist van de geschiedenis en géén eenduidig licht heeft over de vraag aan welke kant God staat in allerlei politieke conflicten. Amen.

Aan politiek wordt in dit boek nauwelijks gedaan. Bekommernis over de ernstige schending van mensenrechten en specifiek van de volkerenrechtelijke positie van de Palestijnen ben ik eigenlijk niet expliciet tegengekomen. Over de islam wordt vooral negatief gesproken: moslims zijn verslaafd aan hun slachtofferrol en niet alleen de joden maar de ook Palestijnse christenen hebben niet veel goeds van hen te verwachten (Miller, 204v). Gelukkig brengt de opmerking van Jos Strengholt dan weer evenwicht, dat het jezelf verliezen in eschatologische bespiegelingen ook slecht is voor het zicht op Gods liefde voor de wereld, inclusief het islamitische deel ervan (311). Dat het moderne zionisme een seculiere beweging is en dat de staat Israël een seculiere natiestaat is, wordt wel onderstreept. De restaurationalisten, chiliasten en christenzionisme die er eschatologische chocola van maken zijn niet alleen knutselaars en neo-gnostici maar ook gevaarlijk. Dat ook. ‘De politieke implicaties van het Dispensationalisme zijn enorm’ (200). Sizer legt er de vinger bij dat het christenzionisme niet alleen ideologisch maar ook financieel verbonden is met joodse groeperingen die gevaarlijke plannen hebben met de moslimheiligdommen op de tempelberg (278vv).

Maar deze theologische en spirituele terughoudendheid ten opzichte van grote politieke visioenen is precies wat nu urgent is. Het optreden van Trump en zijn doordenderende pro-Israëlpolitiek waarbij de VS nu zelfs de mensenrechtencommissie van de VN verlaat, laat zien hoe belangrijk zulke theologie is. Trump leunt op een brede christenzionistische achterban, die ook in Nederland de politiek telkens weer aardig weet te gijzelen als het om de Israëlpolitiek gaat. Het is echt belangrijk dat orthodox-protestantse en evangelische theologen en kerken in beweging komen. Zij die in hetzelfde taalveld van heilshistorische theologie zitten kunnen de missie van bestrijding van het politiek verderfelijke christenzionisme beter vervullen dan zij die dat niet zitten. En dat Paas deze koe bij de horens vat maakt dit een belangrijk boek.

Waarin verschilt deze theologie van die van bijvoorbeeld veel sympathisanten van Kairos-Sabeel? Ik kan het misschien illustreren aan de hand van de bijdrage van G.K. Beale. Aan het slot ervan wordt die nogal vermoeiend als hij wil uitleggen dat de fysieke vervulling van de landbeloften in het Nieuwe Testament begint met de lichamelijke opstanding van Christus. Het wordt een gegoochel met de begrippen geestelijk, fysiek en lichamelijk. Ik zou zeggen: wat is er lijfelijker en fysieker dan een historische Jezus van Nazareth die het brood eerlijk verdeelt zodat de hongerige wordt gevoed en die een nieuwe sociale samenhang sticht waarin kinderen weer onbekommerd mogen spelen, vrouwen niet worden onderdrukt en armen niet worden uitgebuit? Authentieke vervullingstheologie kan ook wel met minder stellige grote woorden. En doe mij vooral maar heel veel van wat Theo Pleizier bepleit: ‘ernaar streven in het hier en nu, met aandacht voor het alledaagse en het gewone, recht te zoeken, dienstbaar te zijn en lief te hebben’ (224).

(juni 2018)

Bijbelse dagkalender 2014

January 4th, 2014 Comments off

Graag wil ik de Bijbelse dagkalender 2014 aanbevelen.
Op een informatief kwartetspel voor thuiszorgers stond een paar jaar geleden over protestanten dat die dagelijks thuis de bijbel lezen. Voor sommige gemeenteleden geldt dat nog steeds. Vroeger was het vaak aan de hand van een oude scheurkalender. De achterkant was het leukst, hoorde ik pas nog iemand zeggen. Daar stonden dan soms leuke verhaaltjes of een grappige spreuk. Maar deze gebruiken zijn in steeds meer huishoudens verwaterd.
Is dat erg? Dat weet ik niet. Vormen veranderen. Oude gewoontes mogen plaats maken voor nieuwe vormen. Vormen die beter bij ons passen.
Alleen zie ik nog niet zo heel veel nieuwe vormen ontstaan. Dus toch maar regelmatig een stukje tijd van de dag gebruiken voor een bezinningsmoment met de bijbel erbij?
De titel klinkt oubollig en het is ook al de 68ste jaargang. Maar de Bijbelse Dagkalender is een handzaam boekje dat jaarlijks gretig aftrek vindt. Er staat voor elke dag een korte overweging van een halve bladzijde, bij een Bijbelgedeelte volgens het dagelijks leesrooster van het NBG. Puntig en in frisse taal. Bij elke overweging ook een verwijzing naar een lied. En tussendoor staat er een groot aantal losse gedichten, wijze gedachten en eenvoudige gebeden. Alleen al daarvoor is het boekje ook de moeite waard. Veertien schrijfvaardige predikanten van de PKN hebben er hun best op gedaan.
Om ergens voor het grijpen te leggen. Twee of drie minuten leestijd per dag voor de broodnodige vitaminen. Wat kost dat nou eigenlijk? Ja, wel € 7,25. (Uitg. Boekencentrum)

Categories: CD's-boeken-films Tags:

Film Budrus

March 12th, 2012 Comments off

In samenwerking met de Vrienden van Sabeel is het mogelijk de film Budrus te vertonen, tegen geringe kosten en Nederlands ondertiteld. Een bijzondere documentaire film over een van de eerste uitingen van geweldloos verzet tegen de bouw van het veiligsheidshek/ de Muur op Palestijns grondgebied. Hetzelfde thema als recent in de eveneens prijswinnende film 5 Broken Cameras, onderdeel van het filmfestival Movies that matters. Budrus laat zien hoe tegenstellingen met Hamas op dorpsniveau worden overwonnen en hoe binnen de kortste keren ook traditionele rolpatronen worden doorbroken. De film weet goed voelbaar te maken wat de emotionele betekenis is van het oprukken van bulldozers op de dorpsakkers en het uit de grond rukken van olijfbomen. De dochter van de leider van het dorpsverzet springt op het hoogtepunt van het protest spontaan vlak voor de bulldozer in het gat dat een ontwortelde boom achterlaat en brengt zo de ware aard van het Israëlische optreden tot uitdrukking. Het is geweld tegen mensen, tegen een volk.

Psalmen voor nu deel 7

October 28th, 2011 Comments off

Ook de zevende CD van Psalmen voor nu heb ik inmiddels al een paar keer beluisterd. Ik ben helemaal geen popmuziekliefhebber. Over de muzikale kwaliteiten kan ik geen verstandig woord zeggen. Maar voor een psalmenliefhebber is het hele project een must. Elke keer weer spannend wat ze er nu weer van gemaakt hebben. Ondanks de tegenzin die ik ook heb. Waarom altijd een uitvoering met zo’n klein bandje? Waarom in het project niet af en toe ook eens ingezet op uitvoering met koren die swingen?
Een knelpunt vind ik steeds weer dat men niet heeft willen kiezen voor een veel vrijere omgang met de tekst. Sommige teksten zijn behoorlijk tijdloos. Psalm 49 (no 11) over de rijke dwaas bijvoorbeeld. Of Psalm 70 (no 5, een van de kortste psalmen). Dan kun je dicht bij de tekst blijven. Ik vind Psalm 34 (no 10, tekst van Ria Borkent) het hoogtepunt van deze CD. Het snoer van wijsheden dat aan de hand van het Hebreeuwse alfabet werd geregen, wordt ook hier een mooie reeks adviezen aan de hand van het ABC. En bij Psalm 54 (no. 6) wordt nu tenminste bij het roepen om God in de tekst ook in muziek en de uitvoering ook echt geroepen, wat ik in eerdere CD’s wel eens miste.
Maar de meeste andere nummers zullen in de toekomst waarschijnlijk overgeslagen worden. De lange Psalm 106 met een bijbelgetrouw historisch relaas over Gods daden.
Psalm 118: een triviaal muziekje bij deze zo belangrijke psalm van verschillende bijbelse feesten. Vooral bij het slotnummer, een bewerking van Psalm 89, ‘mooie droom’, tevens titel van de CD, blijft de psalm heel ver van me af staan, zowel door de tekst als door het vervelende muzikale deuntje. In de bijbel is het een cruciale psalm, precies op de omslag van het derde naar het vierde psalmboek. De droom van een messiaanse koning valt er in duigen. Een bewerking zou dan kunnen helpen om een verbinding te maken met andere ervaringen waarin mooie dromen illusies lijken te zijn geworden, stukgelopen op de harde werkelijkheid.
En komen psalmen niet dichterbij als je de ‘vijanden’ af en toe eens zou inruilen voor het levensvijandige van een kwaal in je lijf of de vastgelopen verhoudingen in je werk of je familie?
Het project is me dus eigenlijk te calvinistisch. Een flinke dosis lutherse traditie (vrije ‘Psalmlieder’) of de vrijmoedigheid van Taizé om veel selectiever met de teksten om te gaan, zou het een grotere kracht kunnen geven. En jammer is ook dat de psalmen niet in hun oorspronkelijke volgorde zijn blijven staan!

Categories: CD's-boeken-films Tags: ,

Charles Taylor

September 21st, 2010 Comments off

Ook ik ben intussen een fan van Charles Taylor. Niet de criminele bendeleider uit zwart Afrika, maar de Canadese filosoof, winnaar van de prestigieuze Templeton-prijs. Zijn boeken zijn veel te dik, en daarom voor te weinig mensen toegankelijk, jammer. ‘Bronnen van het Zelf’, bijna 700 blz. leesstof. Een seculiere tijd, zo’n 1000 blz. Alleen thrillers van die omvang zijn om door te komen. Maar ik doe mijn best en merk dat ik soms juist nog meer zou willen, meer informatie over de personen die hij voor het voetlicht brengt, citaten uit hun boeken, illustraties erbij. Het zijn prachtige verhalen over hoe we geworden zijn die we zijn, wij westerlingen die te druk zijn met onszelf te onderscheiden van anderen en ons authentieke zelf te ontdekken, te ontwikkelen en te ontplooien om nog echt intensief aan God, geloof en kerk te doen. In zekere zin zijn het ook thrillers die een complot ontrafelen en de spanning erin houden. Taylor bestrijdt met kracht van scherpe historische analyses dat er voor God niets anders op zit dan om uit ons blikveld, uit onze gedachten en gevoelens te verdwijnen. Omdat veel wetenschap, pers en media samen een soort complot lijken te hebben gesmeed om ons dat te laten denken, is er zoveel intelligentie en zoveel boekpapier nodig als Taylor inzet. Wat Taylor laat zien is dat het bepaald niet zo is, dat alleen de wetenschappers, de literatuur, of de kunstenaars zijn die de moderne westerling en met zijn ongeloof ‘gemaakt’ hebben. Kerkleden willen nogal eens beschuldigend wijzen naar hun te moderne dominees zijn die de kerken leeg zouden hebben gepreekt. ‘De theologen gingen voorop’ luidt een titel van een boek over de leegloop van de gereformeerde kerken sinds de jaren ’60. Taylor laat zien hoe invloedrijk economische en politieke factoren zijn. Bijvoorbeeld de prijsdaling van consumptieartikelen door massaproductie gecombineerd met stijging van inkomen, dus welvaart. Of het verschil tussen Noord-Amerika of Noord-West-Europa, met een heel andere politieke geschiedenis, waardoor het er met het christendom anders voorstaat.
De historische veranderingen betekenen wel dat ook bij Taylor allerlei antwoorden van vroeger niet meer ‘kunnen’. De dorpsparochie van de 19de eeuw tot en met de vijftiger jaren komt niet meer terug. Het geloof van voor Darwin is niet meer voor ons beschikbaar. Wat overblijft is de mogelijkheid en de noodzaak van gemeenschappelijk authentiek-christelijke spiritualiteit. Vermoed ik, want ik ben nog niet klaar met Taylor. (Wordt vervolgd)

Film La Raffle/ de razzia van Parijs

September 21st, 2010 Comments off

Indrukwekkende film, mooi gemaakt, vreemd dat je hem maar in enkele bioscopen kunt bekijken. Onderwerp is de razzia van juli 1942 in Parijs. Hetzelfde onderwerp als het boek ‘En haar naam was Sarah’, van Tatiana de Rosnay, volgens mijn  dochter het mooiste boek dat ze tot nog toe gelezen heeft. De film belicht de razzia vanuit een andere optiek en een ander verhaal, maar we komen eveneens uitvoerig in het wielerstadion in de buurt van de Eiffeltoren waarin tienduizenden mannen, vrouwen en kinderen dicht opeengepakt worden opgesloten alvorens te worden afgevoerd naar kampen en uiteindelijk de gaskamers. Het stadion is al lang gesloopt, de herinnering was bijna uitgewist, maar boek en film brengen deze schandvlek in de Franse en Europese geschiedenis opnieuw voor het voetlicht. De film is milder over de rol van de Franse politie en burgers dan het boek, ook al deugen er duidelijk heel wat Fransen niet. Wel troostend dat juist een pastoor onderduikers helpt en dat de heldin van de film, een rode-kruis-verpleegster, de dochter van een dominee is. Als je de huidige Franse acties tegen de Roma ziet of de populariteit van anti-immigratiepartijen in heel Europa, kunnen er vooralsnog niet genoeg van dit soort films en boeken verschijnen.

Calvijn

August 5th, 2009 Comments off

Herman Selderhuis schreef ter gelegenheid van het Calvijn-herdenkingsjaar Calvijn.Een mens. Het ziet er wat saai uit. Jammer dat het niet met meer en betere illustraties is uitgegeven. Maar het is betaalbaar en vooral heel goed leesbaar. Selderhuis heeft een vlotte pen en een relativerende toon, af en toe zelfs een te populistisch toontje. Hij zet een Calvijn neer die in elk geval gedreven is, een harde werker, sober levend. Calvijn wint in Genève pas heel langzaam echt aan invloed en niet bepaald zonder slag of stoot. Hoemeer hij aan invloed wint, hoe scherper de scheiding kerk-staat wordt! Genève wil wel model staan voor een stad met goede zeden,  maar S. laat zien dat op veel meer plaatsen de stadsbesturen grotere invloed op de zeden van de burgers proberen te krijgen. Ondertussen komt zo wel uit de verf hoezeer Calvijn een vrucht van de Renaissance is. De nadruk op bijbel en bijbeluitleg, disciplinering, onderwijs en theologie passen in een renaissance-ideaal van beschaving. Calvijn is bij S. niet zo’n grote scherpslijper, hij wil best water in de wijn doen om eenheid over de Avondmaalsleer met andere reformatoren te bewerkstelligen. Naar Franse landgenoten die proberen binnen de kerk Rome te blijven om haar van binnen uit te vernieuwen is hij wel compromisloos. Bij de Paapse mis kun je alleen maar weglopen. Voor de Franse protestant staat dan alleen maar de weg open om te vluchten. S. laat subtiel zien dat Calvijn hier misschien te simpel denkt en vooral ook te elitair. Je moet een vlucht maar kunnen betalen. Maar is dit niet een typische karaktertrek van de moderne Europeaan geworden: eerder emigrant dan rebelse opstandeling? Zo krijgen we dan later Pilgrim Fathers en Hugenoten in Zuid-Afrika. Verder vond ik in deze Calvijn nogal wat Stoicijnse trekken. In zijn brieven heeft hij het kennelijk veel vaker over de voorzienigheid dan de vermaledijde leer van dubbele predestinatie. Onder die voorzienige en onbegrijpelijke hand Gods moet je bij hem zonder morren bukken in geval van ziekte en tegenslagen. Calvijn laat zielen gestaald worden onder een hemelse tuchtroede. Af en toe ging hij gewoon te kort door de bocht.

Christelijke vaderlanders

August 5th, 2009 Comments off

Annemarie Houkes schreef een heel goed leesbaar historisch proefschrift: Christelijke vaderlanders. Godsdienst, burgerschap en de Nederlandse natie (1850-1900). Het verscheen in 2009. ISBN 9 789028 422803. Ze laat zien hoe de protestanten,de grootste maatschappelijke groepering van midden 19de eeuw, want half Nederland hoort er dan nog bij, zich langzaam maar zeker als groepering in de openbare ruimte begint te bewegen en organiseren. Ze zetten allerlei organisaties op om “inwendige zending” te bedrijven, jeugdwerk te doen, liefdadigheid te betrachten. Dankzij de trein kunnen ze grootschalige ‘zendingsfeesten’ organiseren. Zo begint de protestants-christelijke groepering allereerst heel letterlijk in het openbaar zichtbaar te worden. Abraham Kuyper speelt hier vervolgens handig op in. Hij deelt de eerste exemplaren van zijn nieuwe krant aan de bezoekers van zo’n feest gratis uit en zo begint hij een antirevolutionair netwerk over het hele land te leggen. Maar de verdienste van het boek is vooral ook dat het de hervormden veel meer zichtbaar maakt dan de geschiedschrijving tot nog toe deed: de hervormden die naast de AR de Christelijk Historische Unie vormden, die niet meegingen bij de Doleantie, maar niet minder plaatselijke jeugdverenigingen, vrouwenverenigingen etctera hadden, die de NCRV mede oprichtten en op termijn de belangrijkste fusiepartner zouden worden van de gereformeerden in de GKN en de ARP. Kuyper maakte gebruik van een beweging die hij niet zelf tot stand had gebracht en die zich ook niet zonder meer door hem liet kanaliseren.

Mooi boek over de Psalmen

August 5th, 2009 Comments off

Drama van crisis en hoop. De psalmen: gedicht, gebundeld en gebeden, uitg. Meinema 2008, ISBN 978 90 211 4169 5, is een prachtig boek over de Psalmen. Het geeft heel veel wetenswaardigs over de ontwikkelingen in het wetenschappelijk onderzoek van de Psalmen, laat helder zien hoe de opbouw van het boek Psalmen is en van afzonderlijke psalmen, trekt mooie thematische lijnen en vertelt ook fraai over de doorwerking in de geschiedenis. Prachtig zoals Augustinus de Psalmen wilde lezen! In mijn boek Vijf stenen, vijf broden zat ik min of meer op dezelfde lijn van denken. Waar Schuman het proces van Davidisering benadrukt, waaraan de Psalmen zijn onderworpen, leg ik wat meer accent op zoiets als de ‘mosaïsering’. Ook Schuman onderkent de vijfdeling, maar doet er niets mee. Terwijl hij juist laat zien dat het verhaal van David en Goliath een belangrijke rol speelt in het proces van Davidisering in de fase van afronding van het kanonieke Psalmboek, zoals blijkt uit de apocriefe Psalm 151, of veel later de afbeeldingen in het Utrechts Psalter na Psalm 150. David raapt in dat verhaal vijf stenen. Hij heeft de vijf wijsheden van de Tora op zak. Maar dat kunnen geen andere zijn dan de vijf wijsheden van de Psalmen. Wie David zegt, zegt niet alleen Psalmen maar ook Mozes. Deze ‘messias’ zingt zich niet los van Tora, maar beaamt hem en zingt hem te binnen.

Holman: De Psalmen

March 23rd, 2009 Comments off

Aafke Holman: De Psalmen, een vertaling in kleur
2008, uitg. NBG, ISBN 9 789061 268840

Prachtig uitgegeven boek met alle 155 aquarellen van Aafke Holman, gemaakt bij de Psalmen. Drachten had zomer 2008 de primeur van de tentoonstelling van deze aquarellen met de aantekeningen die ze tijdens het lezen van de psalmen had gemaakt. Holmans werk onderscheidt zich van dat van andere schilders die ook werk bij de Psalmen gemaakt hebben of dat nog aan het doen zijn, zoals Henk Pietersma of Anneke Kaaij, doordat zij de Psalmen achter elkaar geschilderd heeft. Zij is bij Psalm 1 begonnen en bij 150 geëindigd, elke dag een psalm, vertelde zij in Drachten; alleen in de windermaanden legde zij het werk stil, want de confrontatie met de Psalmen was soms te heftig voor de donkere helft van het jaar. Verder schilderde Holman nadrukkelijk non-figuratief. Vaak is het een impressie in een paar kleurvegen. Maar door de krabbels bij de psalm en het voorontwerp erbij af te drukken, toelichting plus het korte onderschrift dat ze later aanbracht is de aquarel meestal heel toegankelijk. Al kijkend en lezend kom je via de psalm ‘binnen’ in het werk van Holman, maar ook omgekeerd via de kunst in de psalm. Ik heb intussen het boek al in diverse huiskamers op een ereplaats zien staan, als hulpmiddel voor regelmatige meditatie!

Categories: CD's-boeken-films Tags: ,